Boekgegevens
Titel: Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1854
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 864
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200094
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
38
Een ander merkwaardig hol vindt men drie mij-
len van FoUgno. De inwendige gedaante van dit hol
is onregelmatig. De grootste wijdte is 30 of 40 voet
hoog, en 10 of 12 schreden breed. Zijne wanden
zijn bekleed met eene fraaije korst van geel mar-
mer. Op versclieidene plaatsen ziet men kolommen
van hetzelfde marmer half verheven uitsteken. Van
boven van het gewelf dalen dergelijke zuilen neder,
sommige tot den grond, hebbende somtijds eene leng-
te van 25 voet. Andere kolommen ^ijn korter, en
bereiken naauwelijks de lengte van 3 voet. De hoogte
der wanden en der kolommen, zoo wel die van het
gewelf nederdalen, als die uit de wanden half ver-
hpven voortkomen, zijn, als zij laag genoeg komen,
in twee ongelijke deelen verdeeld, zoo dat het 'i^ak,
door alle verdeelitigen, evenwijdig met den gezigtein-
der is. De grond van dit hol is ook met marmer
bedekt; op eenige plaatsen zijn de marmeren platen
dik, op andere dun, doch overal zijn zij als op el-
kander gestapeld.
Op de eilanden in de Middellandsche Zee.
Onder de holen, welke men op de eilanden in de
Middellandsche Zee aantreft, verdient de grot, van
Antiparos de eerste plaats. De ingang van dit hol
is eene ruimte, die 30 schreden wijd en van boven
gewelfd is. Uit deze ruimte komt men, langs eenen
^dalenden weg van 20 schreden lang, aan een don-
ker gat, waardoor men niet dan« gekromd kan gaan.
Door dit gat daalt men langs verscheidene steilten en
schuine gangen neder in het vermaarde hol, ter diep-
te van 150 vademen. Men bevond deze grot 40 va-
demen hoog en 50 vademen breed. Overal vindt men
er de zonderlingste vormingen van kristal, dat uit
een doorschijnend wit marmer schijnt te bestaan.