Boekgegevens
Titel: Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1854
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 864
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200094
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en aardrijkskundige mengelingen, ter bevordering van algemeene kundigheden: ter dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
ooaiaker, dib hedéit kog db oppervlakte oszbs
aardbois does verandereif.
Er bestaan tegenwoordig nog vier werkzame oor-
zaken, die ter verandering van de oppervlakte on-
zes aardbols het hare bijdragen. De regen en de
dooi, die het steile gebergte doen afnemen, en de
stukken daarvan aan den voet opeenhoopen; het vlie-
tende water, dat deze stukken medevoert, en ter
plaatse achterlaat, waar de loop dezes waters ophoudt;
de zee, die de steile kusten uitholt of uitkolkt, en tot
instorting aanleiding geeft, of aan de vlakke kust
zandheuvelen opwerpt, en eindelijk vulkanen, die
vaste lagen of beddingen doorboren, en hier ha-
re uitwerpselen ophoopen of om zich verspreiden.
nït hederstories van gedeelten der bergeic.
Overal, waar de verbrokene lagen aan de top-
pen der bergen aan den kant losraken, rollen elk
voorjaar, en zelfs bij elk onweder of bij eiken
storm, stukken naar beneden, die aan den voet
der helling eene meer of hiin aanmerkelijke hoogte
vormen, naarmate het afrollen zulker stukken dik-
maals gebeurt, of hunne ^oeveeLheid groot is.
Deze opeengestapelde stukken, door den val en het
schuiven over elkander afgerond, sluiten naauw in
een, en vormen in alle hooge gebergten zekere zij-
delingsche dalen, die weldra met talrijke soorten
van planten bedekt zijn, zoodra de toevoer van af-
rollende i-otsstukken ophoudt of minder wordt. Ge-
brek aan vastheid brengt echter deze opeengesta-
pelde stukken niet zelden in gevaar om naar beneden
te storten, voornamelijk als zij door beken onder-.
mijnd worden, en dan gebeurt het, dat rijke en
bevolkte streken onder dergelijk nedervallend lig-
chaam begraven worden. De loop der rivieren
wordt dan gestremd, en eertgds vruchtbare vlakten
verauderen in meren.