Boekgegevens
Titel: Karaktertrekken, getrokken uit de algemeene en vaderlandsche geschiedenissen: een leesboek voor de derde klasse, ten dienste der scholen
Deel: 1e stukje
Auteur: Anslijn, N.
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1818
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 830
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200082
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Karaktertrekken, getrokken uit de algemeene en vaderlandsche geschiedenissen: een leesboek voor de derde klasse, ten dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 31 )
meer konden voonflepen, verftrekte zijn li'gchaatn
ter bru^, om het vaartuig te bereiken. Twee
mannen weigerden echter halsftarrig van de aange-
bodene hulp gebruik te maken, vermits zij vrees-
den, dat het vaartuig, met al de daarin zijnde per-
fonen, met geene mogelijkheid het geweld der zee
zoude kuntlen doorftaan. Toen er niets meer dan
deze en lijken overig waren, plaatlle Trigaud zich
moedig aan het roer, en beftuurde iiet vaartuig
met zoo veel beleid en voorzigtigheid, dat hij de
haven, en dus het' doel zijner edele pogingen en
werkdadige menfchenliefde, behouden bereikte.
Toen hij de laatlle der geredden aan wal zettede,
bezweek hij .zelf onder den l.:st der vermodjenis-
fen, en viel buiten kennis üeder. Men betreurde
reeds het lot diens voortrtffdijken mars, daar men
Bieende, dat hij yiin eigen leven aan het behoud
van anderen opgeoff.rd had, doch gelukkiglijk be-
kwam hij van de doorgefl-ine gevaren, zich ver-
heugende , dat bij in de hand der Voorzienigheid
ten middel had mogen verrtrtkken , om nog zoo
vele menfchen aan de woede der zee, en aan ee-
nen onfeilbaren dood, te ontrukken. Met genoegen
kunnen wij hier nog bij voegen, dat deze verdiens-
telijke man, voor zijnen betoonden moed en voor
zijne menfchenlietde, op eene vtreerende wijze be-
loond is.
Waarom is het niet goed, in het geheel den
dood niet te vreez.en?
In hoe verre, en wanneer moet men de vrees
VO0r den dood trachten te overwinnen?
15.