Boekgegevens
Titel: Korte verhalen en merkwaardige bijzonderheden uit het leven van groote mannen
Auteur: Arrenberg, R.
Uitgave: Leiden: Noothoven van Goor, 1876 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 926
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200078
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Europa
Trefwoord: Bekende mensen, Geschiedenis (vorm), Kinderverhalen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte verhalen en merkwaardige bijzonderheden uit het leven van groote mannen
Vorige scan Volgende scanScanned page
BIJZONDEnUEDEN UIT HET LKVEN VAN DK Rl'ITER,
Zijn geheelen leeftijd heeft hij vervolgens in 's landa
dienst doorgebracht en de hoogsle waardiglieden be-
kleed; ook heeft hij, in verschillende rangen, gedu-
rende zijnen dienst niet minder dan veertig gevechten
en vyflien groote zeeslagen bijgewoond.
Zijn laatste voor hem en het geheele Vaderland zoo
noodlottige zeeslag was die, welke liij April 1676
bij Sicilië, niet ver van den berg Eina aan de Franschen
leverde. Nauvvetyks toch had de slag een half uur ge-
duurd of De Ruiter, die op het zonnedek stond, werd
door een kogel getroffen, die hem zijn linkervoet weg-
nam; ook werden de beide pijpen van zijn rechter-
been, omtrent een hand l)reed boven den enkel, met
groote kneuzing en vermorzeling, aan stukken gesla-
gen, en eindelijk wierp het schot hem van het zonne-
dek, zoodat hij een val deed ter hoogte van zeven
voet, waardoor hem nog eene wond aan het hoofd
werd toegebracht. Dit waren de eenige kwetsuren van
belang, die hy, gedurende zijn geheele leven, in zoovele
vreesel'yke gevechlen had bekomen.
De wonden van den grooten zeeheld stonden in het
eerst zeer wel, zoodat men lioop op zijne genezing
voedde, maar den vierden of vijfden dag, werd hy ten
gevolge van de pijn der wonden door eene koorts
aangetast, die 29 April 1676 een einde aan zyn roem-
ruchtig leven maakte.
Hy stierf met Christelyke gelatenheid en klaagde
nimmer over zijn lot; alleen hoorde men hem eens
zeggen: ïAch, dat ik hier zoo liggen moet, en's Lands
dienst niet kan waarnemen," doch over zijne bijzondere
huiszaken sprak hij geen enkel woord. Dikw'yls hoorde