Boekgegevens
Titel: Uitheemsche woorden: lees- en taaloefeningen voor de hoogste klasse der lagere scholen en de herhalingsscholen
Auteur: Ankum, L. van
Uitgave: Almelo: W. Hilarius Wzn, 1905 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 948
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200076
Onderwerp: Algemene taal- en literatuurwetenschap: taalbeheersing
Trefwoord: Vreemde woorden, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uitheemsche woorden: lees- en taaloefeningen voor de hoogste klasse der lagere scholen en de herhalingsscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
81
Engeland en Italië, Denemarken en ons land, als-
mede tusschen Engeland en Duitschland zijn reeds
overeenkomsten gesloten, waarin nauwkeurig bepaald
wordt, welke punten van geschil geen grond van
oorlog meer mogen opleveren en dus door scheids-
rechterlijke uitspraak moeten worden beslecht.
Dien weg moet het meer en meer op, tot eindelijk
alle geschillen tusschen de volken in der minne
worden bijgelegd.
Als er één dien weg op wil, dan is het zeker
de schatrijke Carnegie. Deze weldoener schonk ver-
leden jaar de meer dan koninklijke gift van twee
en een half millioen gulden voor het stichten van
een gebouw, waarin de leden van het Scheids-
gerechtshof naar behooren worden gehuisvest. Weldra
zal het „Vredespaleis" verrijzen, dat stellig een
sieraad van onze hofstad zal worden.
Oef. 101. Ah oef 10.
Oef. 102. Vervang de streepjes in de volgende woor-
den door eene ou of oe.
c-peur, k-rier, c—rant, c—pé, t-r, ret—r, bl—se,
jal—rsch, jal—zie, r—te, r-tine, k—rs, L—ise, c-rage,
bamb-s, car—ssel, s—venir, bonj—r, g—verneur, t—rist,
p—Ie, p-lier, p—der, b—quet, j—rnaal, s—peeren,
b—illon, tamb—r, f-rier, c-vert, tab—ret, g—vernante
en bab—.
Oef. 103. Vervang de streepjes in de volgende luoor-
den door ié of ie'é.
provinc—n, melod—n, famili-n, ser—n, condit—n,
Uitheemsche Woorden. 6