Boekgegevens
Titel: Uitheemsche woorden: lees- en taaloefeningen voor de hoogste klasse der lagere scholen en de herhalingsscholen
Auteur: Ankum, L. van
Uitgave: Almelo: W. Hilarius Wzn, 1905 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 948
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200076
Onderwerp: Algemene taal- en literatuurwetenschap: taalbeheersing
Trefwoord: Vreemde woorden, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Uitheemsche woorden: lees- en taaloefeningen voor de hoogste klasse der lagere scholen en de herhalingsscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
6
Oef. 1. Schrijf naast de gespatieerde uitheemsche
woorden uit deze les de Nederlandsche van dezelfde he-
teekenis en leer ze van buiten.
Voorb. coiffeur — kapper of haarsnijder,
tailleur — kleermaker,
tailor — kleermaker.
Oef. 2. Afschrijven en van buiten leeren.
arts — geneesheer, dokter,
chirurgijn — heelmeester,
professor — hoogleeraar, hooggeleerde,
apotheker — bereider en verkooper van medicijnen,
advocaat •— pleiter, verdediger,
philosoof — wijsgeer,
poëet — dichter,
auteur — schrijver van boeken,
componist — samensteller van muziekstukken,
redacteur — hoofdopsteller van eene courant,
criticus — beoordeelaar van kunstwerken,
y recensent — beoordeelaar van boeken,
acteur - tooneelspeler.
actrice — tooneelspeelster.
komediant — tooneelspeler.
Oef. 3. Afschrijven en van buiten leeren.
feliciteeren — geluk wenschen.
condoleeren — deelneming betuigen in een verlies.
salueeren — groeten.
presenteeren — aanbieden.
tracteeren — onthalen.