Boekgegevens
Titel: Zaadkorrels: vertellingen ten dienste van de zedelijke opvoeding der leerlingen van 6 tot 8 jaar
Auteur: Ankum, L. van
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 08-237
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200070
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorrels: vertellingen ten dienste van de zedelijke opvoeding der leerlingen van 6 tot 8 jaar
Vorige scan Volgende scanScanned page
13. Onvoorzichtigheid.
J^r leefde eens een klein jongetje. Er leefde eens, zeg
ik, want hij is nu dood. Jan heette hij. 't Was
een aardig jongetje, een vlug ventje, maar hij had één
gebrek: hij was niet voorzichtig genoeg. Hoe vaak hij
bij het klimmen en klauteren al gevallen was en zich be-
zeerd had, kan ik je niet zeggen. Maar bij eene buil
aan het hoofd, eene schram aan de hand en eene blauwe
plek aan het been was het gebleven; zijne leden bleven
heel.
Maar eindelijk —• hij was toen nog maar zes jaar —
was hij weer onvoorzichtig, zeer onvoorzichtig, en dat
liep heel treurig af, zoo treurig, als 't maar kan.
Kleine Jan speelde op de bovenkamer met een kleinen,
rooden luchtballon aan een touwtje. Zijne moeder was
uit. Met de meid was hij alleen te huis.
Terwijl Jan zoo met zijn ballon speelde, werd er ge-
scheld. De meid ging naar beneden, om de deur te
openen en de boodschap te ontvangen.
Jan, die nu alleen was, zei tot zich zei ven: »Wacht
eens, het raam is open, ik ga in de vensterbank zitten;
het lijkt veel mooier, als mijn ballon in de buitenlucht
zwaait."
Hij gaat naar de vensterbank en werpt den ballon
naar buiten. Hij gaat over de vensterbank leunen, om
te zien, hoe mooi de ballon in de lucht zweeft. Maar