Boekgegevens
Titel: Abrégé de la grammaire française
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1866
2e éd; 1e dr.: 1855
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1036
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200062
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Abrégé de la grammaire française
Vorige scan Volgende scanScanned page
145
pour, prép., mor, teat aan-
gaat.
se porter, v. p., zich bevin-
den, varen.
' i)our Ie coup, loc, adv.,
. thans.
)ourtant, adv., evenwel.
pourvoir, v. n., voorzien.
j„)Ourvu que, conj., mits.
; )ouvoir, V. a., kunnen.
)récéder, v, a. vooraf-
" gaaih.
)récisément, , juist.
■ H'éférable ü, adj., verkieslijk
hoven.
■ ^référence, s. I'., voorktitr.
prendre, v. a., nemen.
»rendre tin, een einde nemen,
' »rendre garde, zorg dragen.
e prendre, v. p., gebruikt
worden.
e piiéparer, v. p., zich gereed
maken.
j réposition, s. I"., voorzet-
sel.
résence, s. 1"., tegenwoordig-
■ heid.
trésent, adj., tegenwoordig. \
^ e preserver, v. p., zich voor- \
* doen.
I
iressé, part. pass., gedrongen.
■^«•èt, adj., gereed. \
Hendre, v. a., meeneu.
^ter secours, hulp verlee-
en.
ïtexle, s. m., voorwendsel.
Woir, v, a., voorzien.
prier, v. a., bidden, verzoe-
ken.
principe, s. ni., grondbegin-
sel.
priorité s. t., de overhand.
prison, s. 1"., gevangenis.
privativement, adv., afzonder-
lijk.
prix, s. m., prijs.
probité, s. f., braafheid.
problème , s. m., vraagstuk.
procès, s. m., rechtsgeding.
proclamer, v. a., uitroepen.
procurer, v. a., verschaffen.
production, s. i"., voortbreng-
sel.
proférer, v. a., uiten, nitspre-
ken.
profession, s. f., beroep.
profiter, v, n., voordeel trek-
ken.
progrès, s. m., vorderingen.
promesse, s. 1'., belofte.
pronom, s. m., voornaam-
woord*
prononcer, v. a., uitspreken.
se prononcer, v. p., uitgespro-
ken wordtin.
prononciation, s. f., uitspraak.
proj)oser, v. a., voorstellen.
se pro|»oser, v. p., het voor-
nenien hebben, zich voorstel-
len.
proportionnément, ad., geëven-
redigd.
proposition, s. f., voorstel, zin.
proprement, adv., eigenlijk.
■1(»