Boekgegevens
Titel: Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Auteur: Arendt, R.; Bellaar Spruyt, Cornelis
Uitgave: Groningen: Wolters, 1889
2e [gew.] dr; 1e dr.: Arnhem, 1870-1872. - 3 dl. in 1 bd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 960
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200059
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Vorige scan Volgende scanScanned page
86
s
als verdund azijnzuur herkent. Wat zou er in de retort overblijven,
als men al het azijnzuur verdreef?
Wanneer tnen een azijnzuur zout met zwavelzuur verhit, dan
wordt het azijnzuur uitgedreven, eti er vormt zich een zwavel-
zuur zout.
167»'« Proef. Men verwarmt op dezelfde wijze een mengsel van
25 jgram salpeter met 25 CC. van een mengsel van gelijke maten
Engelsch zwavelzuur en water. (Men zie blz. 84 over de wijze, waarop
salpeter kan worden bereid.)
De overdistilleerende vloeistof is salpeterzuur, zooals men aan-
toont door den retck en door de gele verkleuring, die zij op wol
teweegbrengt. De vloeistof, die in de retort achterblijft, geeft bij
afkoeling kristallen vati zwavelzure potasch.
Hoe zal men aantoonen, dat de witte kristallen, die zich uit de
vloeistof afzetten, geen salpeter zijn?
Wanneer 7nen een salpeterzuur zout verhit met zwavelzuur,
dan wordt er salpeterzuur uitgedreven en er vormt zich een zwa-
velzuur zout.
Het salpeterzuur wordt in de fabrieken bereid op de wijze, die
wij bij de 1678'« Proef in het klein hebben gezien. Alleen gebruikt
men in de plaats van het salpeter de salpeterzure soda {Chili-salpeter),
die op sommige plaatsen in Zuid-Amerika in groote hoeveelheid in
den grond voorkomt, en die men niet kan gebruiken voor de be-
reiding van het buskruit.
légsto Proef Men vermengt in een bekerglas 50 CC. Engelsch
zwavelzuur met 25 CC. water en koelt het mengsel af door het in
eene schaal met koud water te zetten. Als het koud geworden is,
brengt men het met 50 gram grofzout (zie hierboven op blz. i) in
het kolfje A van den toestel, die op blz. 70 is afgebeeld, en ver-
warmt het op metaalgaas. (Men zie de 146»»« Proef en het lijstje op
blz. 82 over de wijze, waarop keukenzout kan gemaakt worden.)
Uit keukenzout en zwavelzuur ontwikkelt zich een kleurloos gas,
van eenen prikkelenden reuk, dat nevels in de lucht verspreidt en
zeer oplosbaar is in water. De waterige oplossing reageert zuur. Dit
gas is zoutzuurgas; men vergelijke de 135'*" Proef over de wijze,
waarop men dit kan aantoonen. Ten slotte leidt men het gas boven
in eene hooge laag water in een bekerglas, waarin men eenige drop-
pels lakmoesvocht'gebracht heeft, en laat de buis, die het gas aan-