Boekgegevens
Titel: Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Auteur: Arendt, R.; Bellaar Spruyt, Cornelis
Uitgave: Groningen: Wolters, 1889
2e [gew.] dr; 1e dr.: Arnhem, 1870-1872. - 3 dl. in 1 bd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 960
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200059
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Vorige scan Volgende scanScanned page
95 JJ
)? J?
?J 55
82
noemt. Dit witte poeder verschilt evenzeer van ammonia als van
zwavelzuur.
Alle stoffen, die men verkrijgt door zure vloeistoffen te neutra-
liseeren , worden zouten genoemd.
Zoo hebben wij uit zoutzuur verkregen:
door het te verzadigen met ammoniak . . . chloorammonium
„ „ soda......keukenzout
„ „ potasch.....chloorkalium
„ „ marmer .... chloorcalcium
„ „ kalksteen .... chloorcalciuin.
In de vier laatste gevallen werd bij de vorming van het zout te-
vens koolzuur uitgedreven.
1588'e Proef. Men neutraliseert 50 CC. van het verdunde zwa-
velzuur met soda, vervolgens 50 CC. met potasch, kalksteen en mar-
mer. Men kan daarvoor de toestellen gebruiken, die bij de overeen-
komstige proeven met zoutzuur zijn beschreven.
Bij al deze proeven wordt koolzuur uitgedreven en het zwavelzuur
geneutrasiseerd. (Marmer en kalksteen moeten gebruikt worden in den
vorm van een fijn poeder, dat bij kleine hoeveelheden wordt toege-
voegd, en, telkens als men iets toegevoegd heeft, moet men goed
roeren.) Soda geeft met zwavelzuur eene heldere oplossing, die Kris-
tallen afzet van glauberzout, wanneer men haar eerst voor drie vier-
den indampt en dan laat bekoelen. (Men zie over glauberzout bldz.
10.) Potasch geeft eveneens eene heldere oplossing, die bij indamping
eene witte stof achterlaat. Marmer en kalksteen geven met zwavelzuur
geen oplossing, maar een wit poeder, dat alleen in eene zeer groote
hoeveelheid water oplost. Dit poeder is niets anders dan de gips (blz.
12). De afzetting van dit witte poeder veroorzaakt dat de werking
van het verdund zwavelzuur op marmer en kalksteen weldra belem-
merd wordt, en slechts door telkens te roeren kan worden onder-
houden.
Door het neutraliseeren van zwavelzuur ontstaan de volgende zouten :
met ammonia........zwavelzure ammonia
met soda...........zwavelzure soda {glauberzout)
met potasch.........zwavelzure potasch
met marmer.........zwavelzure kalk (gips)
met kalksteen........zwavelzure kalk {gips)
Al deze zouten worden zwavelzttre zouten genoemd. In de vier