Boekgegevens
Titel: Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Auteur: Arendt, R.; Bellaar Spruyt, Cornelis
Uitgave: Groningen: Wolters, 1889
2e [gew.] dr; 1e dr.: Arnhem, 1870-1872. - 3 dl. in 1 bd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 960
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200059
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Vorige scan Volgende scanScanned page
59
eerst veranderd zijn in 50 gram water van 100° en daarna tot 67°
zijn afgekoeld. Bij deze afkoeling hebben zij 50 X 33 of 1650 calo-
rieën afgestaan. Daar nu het koude water in 't geheel 28500 calo-
rieën heeft opgenomen, en daarvan slechts 1650 calorieën zijn afge-
geven bij de afkoeling van het kokend water, dat uit den damp
ontstaat, moeten de overige 28500 —• 1650 of 26850 calorieën zijn
afgestaan, toen de waterdamp van 100° overging in water van 100°.
Dus geven 50 gram waterdamp van 100°, bij hunne verandering in
water van 100°, 26850 calorieën, of een gram 537 calorieën. Dit
is ook juist de hoeveelheid warmte, die vereischt wordt om een
gram water van 100" te veranderen in damp van 100°.
Wanneer men een gram water van 100° verandert in water-
damp van 100°, dan neemt die damp, zonder zich in temperatuur
te verhoogen, 537 calorieën op. Omgekeerd, wanneer een gram
waterdamp van 100° overgaat in vloeibaar water van 100°,
geeft die waterdamp 537 calorieën af, zonder dat zijne tempera-
tuur daalt.
Het schijnt dus, alsof die damp warmte bevat. Maar deze
warmte werkt niet op den thermometer en wordt niet weder bemerk-
baar, voordat de damp in water overgaat. Men 7ioefnt daarom
die warmte late?ite (verborgen) warmte en zegt dat bij verdampitig
van een gratn water 537 calorieën latent worden, die bij verdich-
ting van een gram waterdamp tot water weder vrij worden.
Uit de 84ste Proef blijkt dat ook bij de verdamping van alcohol
warmte latent wordt, en dat de alcoholdamp deze warmte weder
afstaat, vrij doet worden, wanneer hij in vloeibaren alcohol over-
gaat. Om een gram alcohol van 78° te veranderen in alcoholdamp
van 78°, zijn 210 calorieën noodig, en wanneer een gram alcohol-
dam]) van 78° overgaat in vloeibaren alcohol van 78°, dan komen
er 210 calorieën vrij. Evenzoo wordt er bij de verdamping van iedere
vloeistof warmte latent, en bij de verdichting van eiken damp komt
er warmte vrij, die vroeger latent was.
Deze latente warmte der dampen verklaart ons, waarom bij het
distilleeren van water en alcohol de hals der retort en de ontvanger
zoo spoedig warm worden, dat men voortdurend moet afkoelen, wan-
neer men de distillatie wil voortzetten. De damp verandert in vloeistof,
wanneer hij in aanraking komt met koude voorwerpen; hij geeft
daarbij zijne latente warmte af, die deze voorwerpen verwarmt.