Boekgegevens
Titel: Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Auteur: Arendt, R.; Bellaar Spruyt, Cornelis
Uitgave: Groningen: Wolters, 1889
2e [gew.] dr; 1e dr.: Arnhem, 1870-1872. - 3 dl. in 1 bd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 960
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200059
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leiddraad bij het onderwijs in de kennis der levenlooze natuur
Vorige scan Volgende scanScanned page
186
gewicht. Daarna zet men het eene schaaltje op eene matig verwarmde
plaats, het andere in eene koelere ruimte. Na verloop van eenen ge-
ruimen tijd weegt men de beide schaaltjes weder. Het eerste is veel
meer in gewicht verminderd dan het tweede.
De snelheid der verdamping van water is des te grooter, naar-
mate de temperatuur van het water grooter is.
De dagelijksche ondervinding leert ons hetzelfde. Natte voorwerpen
drogen in den zomer veel sneller dan in den winter. Door natte
voorwerpen bij de verwarmde kachel te plaatsen krijgt men ze veel
spoediger droog.
Uit het voorgaande kan men afleiden, dat de lucht in den zomer
gewoonlijk veel meer waterdamp moet bevatten dan in den winter.
Want alle vochtige voorwerpen aan de aardoppervlakte geven bij de
hooge zomertemperatuur veel meer waterdamp dan in den kouden
winter. Toch schijnt ons de lucht op warme zomerdagen dikwijls zeer
droog te zijn.
294«'e Proef Men plaatst een schaaltje met water op een tafel-
bord, en bedekt het met eene groote glazen klok. Daarna zet men
het bord met toebehooren geruimen tijd in de zon of bij de warme
kachel. Na verloop van een paar uren is een aanmerkelijk gedeelte
van het water verdampt, en de temperatuur van de lucht onder de
klok is veel hooger geworden. De lucht onder de klok bevat eene
aanzienlijke hoeveelheid waterdamp, maar vertoont volstrekt geen
wasem of nevel. Zet men vervolgens het bord met toebehooren ge-
ruimen tijd op eene koude plaats, dan beslaan de wanden van de
klok; een gedeelte van den waterdamp heeft zich als vloeibaar water
daartegen afgezet.
Eene zelfde ruimte kan bij hoogere temperatuur veel meer on-
zichtbaren waterdamp bevatten dan bij lagere temperatmir. Wordt
eene ruimte, die bij eene hoogere temperatuur zooveel waterdamp
heeft opgenomen, als zij bevatten kan, tot eene lagere temperatuur
afgekoeld, dan zet zij een gedeelte van den waterdamp, dien zij
bevat, als vloeibaar water af.
Een soortgelijk verschijnsel zien wij bij het ademhalen, wanneer
de lucht, waarin wij ons bevinden, vrij koud is. De lucht, die onze
longen verlaat, bevat veel waterdamp. Ademen wij die lucht uit in
eene warme kamer of in de warme zomerlucht, dan zien wij haar
niet; op eenen kouden winterdag daarentegen wordt een gedeelte van