Boekgegevens
Titel: Rekenen en cijferen: rekenvoorstellen voor normaal- en kweekscholen
Deel: 1e stukje
Auteur: Man, C.J. de
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1892
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6398
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200055
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenen en cijferen: rekenvoorstellen voor normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
8. Een werk kan door 25 man in 12 dagen voltooid
worden, l^adat zij 5 dagen gewerkt hebben, ver-
trekken er 5 arbeiders en 2 dagen daarna nog 5.
Hoeveel arbeiders moeten er nu bijkomen , opdat
het werk in 12 dagen gereed zij?
9. A kan een werk afmaken in 16 en B in 12 dagen.
In hoeveel dagen komt het gereed, als B A drie
dagen komt helpen?
10. Iemand heeft eenige rijksdaalders en driemaal zoo-
veel guldens. Wisselt hij alles in rijksdaalders,
dan heeft hij 33 stuks. Hoeveel guldens had hij ?
11. Hoe laat is het, als na 3 uur, de uur- en de mi-
nuutwijzer elkander bedekken?
12. Jan en Piet spelen. Jan verliest en betaalt aan P.
zooveel als deze heeft. Jan heeft nu half zooveel
als P. en samen hebben zij 168 centen. Hoeveel
bezat elk voor het spel ?
13. Twee menschen loopen elkaar tegemoet. A vordert
elke 4 uur 19 KM. en B elke 5 uur 24 KM.
Waar ontmoeten zij elkaar?
14. Zoek de som van de 5 eerste getallen, die bij dee-
ling door 36,45 en 54 steeds 1 tot rest laten.
15. A, B en C moeten 409 gulden zoo verdeelen, dat
A / 5 tegen B / 6 en B ƒ 5 tegen C ƒ 6
ontvangt. Hoeveel bekomt ieder ?