Boekgegevens
Titel: Natuurkundige mengelingen: een leesboek voor de hoogste klasse der lagere scholen
Auteur: Sluijters, Hendrik
Uitgave: Bergen op Zoom: J.C. Verkouteren, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 679 F 3
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200051
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuurkundige mengelingen: een leesboek voor de hoogste klasse der lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 129. )
voorwerpen, die ons omringen; onze drifleti-
leiden ons lot zoodanige dingen, welkervooi--
komen ons vermaak belooft, welker tegenwoor-
digheid ons aangenaam is, en dezelfde driften
trekken ons af van dingen, die ons smart
veroorzaken, en welker nabijheid ons lastig valt.
Maar wat gebeurd er, wanneer er niets tegen-
woordig is, dat bijzonder op onze zinnen
werkt, en wanneer wij geene dierlijke behoefte
gevoelen? Het antwoord op deze' vraag is
reeds gedeeltelijk hierboven gegeven; wij heb-
ben opgemerkt, dat de menscli zoo lang hij,
om zoo te spreken, niets meer dan een dier
is, zoodanige oogenblikken, waarin niels op
zijne zinnen werkt en waarin hij geene behoef-
ten gevoelt, in eene vadzige rust, in eenen on-
gevoeligen toestand doorbrengt. Maar wij heb-
ben tevens opgemerkt, dal het beginsel van
grootere vorderingen in den mensch aanwezig
was, dewijl hij genotene vermaken of geledene
smarten zich door het geheugen kon te bin-
nen brengen, en zelfs, door zijne verbeel-
dingskracht, aan zich zeiven zoodanige dingen
kon vertegenwoordigen, die hij nooit gekend
had en die nooit op zijne zinnen gewerkt heb-
ben. Dit, kinderen! zijn de twee voornaamste
werkzaamheden van het menschelijke vei-stand.
Het verstand is het vermogen om ons zeiven
voorstellingen te doen, om algemeene begrip-
pen of denkbeelden te vormen, van zoodanige
Toorwerpen, als geheel of gedeeltelijk op onze
zinnen werken, of zouden kunnen werden. Ja,
zult gij zeggen, dat is wat duister vobr
ons. Wel nu, kinderen! laat ons zien, of