Boekgegevens
Titel: Eerste(-tweede) vijftigtal leerzame verhalen ontleend uit de Nederlandsche spreekwoorden
Auteur: Guikema, H.
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1842-1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 71-413
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200043
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Spreekwoorden, Leermiddelen (vorm), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste(-tweede) vijftigtal leerzame verhalen ontleend uit de Nederlandsche spreekwoorden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 24 )
ders gezegd: zij had anda-e oogmerken j dan het scheen:
zij was eene veinzeres.
Eens maalue zij haren vader diets, dat zij op de
school boven aangekomen was, en de goede man gaf
haar een mooi dubbeltje in den spaarpot. Maar toen de
onwaarheid hiervan aan het liclit kwam , ontnam de va-
der linar niet alleen het dubbeltje weder, maar Izabella
kreeg daarenboven nog eene gestrenge ligchamelijke kas-
tijding met de roede. Hare moeder had zij door allerlei
vleitaal eenen stuiver uit den zak gepraat, ten einde
daarvoor hare boete op den naaiwinkel te voldoen;
doch zij versnoepte denzelven. Toen de moeder die
gewaar werd (want leugens, zege het spreekwoord,
hebben korte beenen) moest zij eene geheele week lang
alle morgens een uur vroeger opstaan, om den ver-
snoepten stuiver weder met naaijen te verdienen. Aan
andere meisjes maakte zij dikwijls wijs, ten einde zich
in hare gunst te wikkelen, dat zij op eenen bepaalden
tijd bij haar zouden komen te spelen , en als de meisjes
dan kwamen, was Izabella niet te huis; en menigmaal
beloofde zij haar te zullen bezoeken, en als de be-
stemde tijd ddar was en de meisjes op haar zaten te
wachten , dan schond zij hare belofte en bleef te huis.
Hierdoor maakte zij zich bij allen, die haar kenden,
in haat en verachting. Eens was haar broeder ziek en
de moeder maakte eenige lekkere spijs voor hem gereed.
Izabella begeerde hier mede van te eten; doch de moe-
der weigerde haar dit, dewijl zij het voor haren zieken
zoon bestemd had en Izabella dezelve niet behoefde.
Wat deed de bedriegelijke veinzeres nu ? Zij poogde
hare ouders wijs te maken, dat zij ook ongesteld was,
en begaf zich ter bed. De moeder geloofde dit eerst
en wilde haar mede van de verlangde spijs des broeders
geven; maar de vader begreep hare veinskunst, en zeide:
„Ik zal eerst eens naar den doctor gaan, en wat die
beveelt, dat zal geschieden." — De vader ging uit het
huis, vertoefde eene wijle tijds en kwam weder, met
een fleschje in de hand, waarna hij zeide: „Hier heb
ik nu een drankje; daar moet Izabella alle kwartieruurs
een lepel vol van gebruiken. Verder mag zil in de
eerste twee dagen niets gebruiken, dan wat afkooksel
van garsten gort."