Boekgegevens
Titel: C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Auteur: Gellert, C.F; Schenkman, J.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, OTM: KK 06-168
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200031
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Fabels (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
DE TWEE KNAAPJES.
Twee Knaapjes, ongelijk van jaren.
Die, daar de vroege Lent' hen lokte en tninwaarts riep,
(Terwijl misschien hun Onderwijzer sliep).
Het stil studeervertrek ter sluik ontweken waren,
Bemerkten, spelend bij de heg,
Een kuil vol sneeuw. ^ Zeg!" riep de kleinste, /»-zeg,
ff Broertje! is die kuil ook diep? Ik kan mij naauw bedwingen.
'k Heb lust____" ffAYaartoe? Om in die groef te springen ?"
(Vroeg de oudste) h welk een dwaas bestaan I
ff Stelt ge u weer uitgelaten aan ?
ff Beproef zulks niet; het kostte u ligt het leven:
ff Wij kunnen ons met beter tijdverdrijf
ff Vermaken, dan dat wij, tot nadeel van ons lijf
tl En van ons goed meteen, door moedwil aangedreven,
ff Als kleine kind'ren ons in ijs en sneeuw begeven.
ff En komt ge in luiis, zoo deerlijk toegesteld,
ff Dan moet gij 't nog bij Vader duur bekoopen."
De Knaap, bij wicn geen redeneerkunst geldt,
(Een kleine straf mogt er op loopen)
Springt in de groef, en speelt daar naar zijn zin.....
Doch toen hij naauwlijks, om de kou, was heengeloopen,
Sprong onze Eilozoof zoo wel als hij er in.
Dit is de kunst der strenge moralisten!
Vervuld met stelsels en gewoon aan 't redetwisten,
Bewijzen zij wat ons te mijden staat,
5Iet zoo veel ernst en zulk een stout gelaat,
Alsof zij van geen lust of driften wisten:
Zij zijn van beter aard dan wij.