Boekgegevens
Titel: C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Auteur: Gellert, C.F; Schenkman, J.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, OTM: KK 06-168
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200031
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Fabels (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Vorige scan Volgende scanScanned page
138
HET SPOOK.
Van zek'ren waard wordt ons verteld,
Dat hij van tijd tot tijd werd door een Spook gekweld.
Hij liet zich, om dien geest te weren,
In stilte 't dnivelbannen leeren:
Doch 't lastig Spook was veel te kloek.
Om zich te storen aan bezweren.
En gaf, in lange witte kleêren,
Hem alle nachten een bezoek. •—•
Een dichter, wien dit huis was aangeprezen.
Kwam hier ter woon. —• De waard, door wien de nacht
Niet gaarne alléén werd doorgebragt,
Verzocht den dichter hem zijn verzen voor te lezen:
Deez' las een treurspel, koud, langwijlig, zonder ziel,
Dat wel den hospes niet, maar hem zeer best beviel.
De Geest, die op den waard alléén had acht gegeven,
Trad nader, luisterde en begon van schrik te beven:
Met groote moeite had hij 't eerst tooneel gehoord,
Maar met het tweede was hij voort. —
De waard, door hoop nu ingenomen.
Liet tegen d' and'ren naeht den dichter nog eens komen.
Deez' leest op nieuw; de Geest verscheen,
Doch toefde maar zeer kort: hij luisterde en verdween.
a Goed," dacht de hospes, u goed; 'k zal u welhaast verjagen,
u Zoo gij geen verzen kunt verdragen."
Nu kwam de derde nacht; de waard zat thans alleen.
Juist op denzelfden tijd kwam 't Spook weêr voor zijne oogen.
De hospes dacht: u geen nood! is daar 't bezoek ? ik weet
»Een middel dat geneest, of 'k heb mij erg bedrogen.
//Jan," riep hij tot zijn knecht, »loop ras, vraag den poeet