Boekgegevens
Titel: C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Auteur: Gellert, C.F; Schenkman, J.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, OTM: KK 06-168
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200031
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Fabels (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Vorige scan Volgende scanScanned page
124 het peoces.
*U toebehooren? meent ge dat?
//Neen, neen! 'tbehoort tot mijnen akker." —
» Geloof me, gij bedriegt u, makker!
// Ik zal u door 't getuigenis
H Van twintig boeren duid'lijk staven,
// Dat lang reeds vóór den tijd der Graven..."
// Ge raaskalt, Buurman! dit 's gewis!
»Dat pad en gras mij toebehooren
//Zal ik bewijzen; 'k heb 't gezegd.
H Ik laat me in dat bezit niet storen:
// liet Eegt zal de uitspraak doen, ja, 't Eegt!" -
Zoo raakt het bloed van Klaas aan 't gisten.
Hij draait zijn hoed, klapt in de hand:
//Eer ik dat pad mij laat betwisten,
f Verkoop ik liever huis en land." —
De gramschap voert met snelle schreden
Hem naar de naaste stad om raad:
Maar zie. Heer Glimpf, zijn Advokaat,
Was even naar het land gereden.
Hij loopt en haalt hem in met spoed....
//Hoe was dat," vraagt ge, //in zijn vermogen?
// Glimpf was te paard en Klaas te voet!" ■—
Beticht ge mij dan van een logen?
Stel die gedachten uit uw zin:
'k Zou anders, om dien hoon te wreken.
Misschien ook met Heer Glimpf gaan spreken. —
Ik zeg 't nog eens, Klaas haalt hem in
En grijpt den toom, door toorn gedreven.
»Mijnheer!" zoo spreekt hij: »'k heb verdriet: