Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
77
iedere zijde eene lengte van 20 duim heeft, dan zal de kracht
slechts aan het twintigste deel van den last of van den tegen-
stand gelijk behoeven te zijn. Daarvoor moet men ook des te
langer werken om de deelen van het hout verder te scheiden en
verliest zoo aan weg of aan tijd. Maar tegen de bewegingen der
wig stellen zich nog twee aanmerkelijke wrijvingen tegen,
welke meestal eene vijf maal zoo groote kracht noodig maken
en bij de boven vermelde wig ten minste eene kracht vereischen ^
die in plaats van '/20, met V20 = V4 van den tegenstand gelijk
staat. Derhalve bestaat eene aanmerkelijke onvolkomenheid der
wig daarin, dat het grootste gedeelte van den aangewen-
den arbeid door de wrijving verbruikt wordt, en dat hare wer-
king gewoonlijk slechts een vijfde van den arbeid uitmaakt,
die op hare beweging woi;dt aangewend.
39. Gebruik der wig. Daar de wig een zoo eenvoudig,
gemakkelijk te vervaardigen werktuig is, wordt er zeer dikwijls
gebruik van gemaakt. Zij dient tot het opheffen van zware las-
ten, tot het uitoefenen van eene aanmerkelijke drukking, tot
kloven en snijden, en eindelijk tot middel om iets vast te zetten.
a. Tot het opheffen van zware lasten bedient men Ge-
zich van wiggen op de timmerwerven, waar zij onder de
tot het
schepen gedreven worden om^ze op te ligten. Onder de op-
balken van een gebouw trachten de timmerlieden insgelijks
wiggen te drijven, wanneer ze eenigzins gezakt zijn. Moet het zware
deksel eener kist, waarvan men te vergeefs beproefd heeft de^^®^®"'
spijkers uit te trekken, opgeligt worden, dan tracht men er
een beitel onder te drijven, die niets anders is dan eene ijze-
ren wig. De kop eener gewone n ij p t a n g bestaat uit twee
wiggen, die onder den kop van den uit te trekken spijker ge-
schoven moeten worden; de spijker wordt daardoor opgeligt.
//, Tot het uitoefenen eener aanmerkelijke pe
drukking wordt in sommige oliemolens de wig pers ge-
bruikt. Een zeer sterke houten bak A van vierhoekige gedaante
heet de vorm der wigpers; inden vorm past de kern B, een vier-