Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
729
den stoomcilinder, dan opent men de kraan der stoombuis en Werking
laat stoom in den cilinder, onderden zuiger, dringen. De lucht
ontwijkt, gelijk naderhand ook het water, uit het onderste ge-
deelte van den cilinder door eene ontlastingspijp s',wier
benedeneinde in een bak met water uitloopt en daarin door
eene zich naar boven openende klep gesloten wordt. Daarop
wordt de kraan der stoombuis r gesloten en koud water in den
stoomcilinder gelaten. Het koude water bevindt zich in een
eenigzins hooger geplaatsten waterbak II en vloeit in het
onderste gedeelte van den stoomcilinder, zoodra men de kraan
r' van de toevoerpijp, die uit den waterbak leidt>
opent. Terstond wordt de stoom verdigt; er ontstaat onder de
buis eene ledige ruimte, en de lucht drukt den
zuiger naar beneden. Thans moet de kraan r der toe-
voerpijp gesloten en de kraan der stoombuis r' weder geopend
worden; er komt weder stoom in den cilinder en geeft aan-
vankelijk zijne warmte aan den cilinder en het daarin aan- E?
wezige water af, totdat het, door zijne zwaarte beneden-
waarts gedreven, zich de klep der ontlastingspijp s' geopend
heeft. De uit den ketel stroomende stoom werkt naauwelijks
sterker dan de dampkringslucht en drukt den zuiger met de
zelfde kracht naar boven, waarmede de lucht hem neerdrukt;
de opwaarts gaande beweging van den zuiger wordt echter door
de zwaarte van het gewigt en van de pompstang voortgebragt,
welke het andere einde van den evenaar naar beneden trekken.
Derhalve trekt de zwaartekracht den zuiger we-
der omhoog. In dit werktuig, dat onder den naam van at-
mosferische stoommachine nog tegenwoordig somwijlen gebruikt
wordt, waar aanmerkelijke hoeveelheden water uitgepompt moe-
ten worden, is de damp volstrekt niet als bewegende kracht
werkzaam, maar dient slechts tot het voortbrengen van eene le-
dige ruimte, tegen welke alsdan de werkzaamheid der damp-
kringsdrukking plaats heeft.
Een knaap, Humphrey Potter genaamd, wien men het werk
47*