Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
719
kan verdwijnen en zich in onzigtbaren waterdamp oplossen, en
wederom kan deze dampmassa door de opstijgende lucht in de
hoogte gevoerd en tot eene wolk gevormd worden.
Vormen der wolken. Naar hare gedaante en gesteldheid
laten zich vier hoofdsoorten van wolken onderscheiden : veder-, wolken,
hoop-, laag- en regenwolken.
1) De vederwolken zijn de hoogste onder alle wolken
en bestaan waarschijnlijk niet uit waterblaasjes, maar uit sneeuw-
vlokjes. Ten minste hebben luchtreizigers op aanmerkelijke hoog-
ten wolkenvormen waargenomen, welke zich als besneeuwde vlak-
ten vertoonden. Er is geene wolksoort, die in hare uitbreiding en
gedaante zoo veranderlijk is als de vederwolk; zij is een l)eeld
der veranderlijkheid. Nu eens zijn het fijne evenwijdige draden,
met neerhangende vederen te vergelijken, dan eens elkander
doorkruisende netvormige weefsels, dan weêr cirkelvormig ge-
wondene banden, die op een los geganen haarlok gelijken. De
vederwolken zijn de eerste wolken, die na volkomen helder we-
der aan den blaauwen hemel verschijnen.
2) De hoopwolken zijn ongeveer half bolvormige mas-
sa's , die zich op een horizontaal grondvlak opstapelen. Zij vor-
men zich niet zelden in de laatste uren van een schoonen voor-
middag, nemen af en toe, dalen tegen den avond, wanneer
neer het opstijgen der lucht ophoudt en lossen zich dan weder
in damp op, zoodat de hemel volkomen helder wordt. Maar
somwijlen verdwijnen zij niet na zonsondergang, maar worden
digter en donkerder en zijn dan voorboden van storm of regen.
3) De laagwolken breiden zich in horizontale strepen
over den hemel uit; zij stijgen na zons-ondergang op en ver-
dwijnen weldra na zonsopgang.
De regenwolk ontstaat uit hoopwolken, die in groote
massa's opstijgen eu groote wolkenbergen vormen. Zij nemen
in omvang toe en vormen zich tot onregelmatige gevaarten van
blaauwzwarte tint en "roote disrtheid.