Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
709
het ijzerdraad, waar het in het water gestaan heeft, met lijne
ijsnaalden bedekt vindt.
Onder de klok der luchtpomp gaat het water in een
horologieglas, waarboven of waaronder een schaaltje met zwavel-
zuur aangebragt is, tot ijs over; de verdamping van het water
wordt daarbij door het voortdurende uitpompen der reeds voor-
handene waterdampen te gelijk met de opslorping van deze door
het zwavelzuur zeer versneld. In Oost-Indië en Thibet
bereidt men zich in landstreken, waar nooit natuurlijk ijs bestaat,
kunstmatig ijs met behulp der door verdamping opgewekte kou-
de; men graaft op luchtige, vrij gelegene plaatsen vlakke kuilen
en belegt ze met leem en suikerriet; gedurende de heldere win-
derige nachten laat men daarin vlakke, poreuze leemen schalen
met water staan en vindt des morgens een gedeelte daarvan tot
ijs bevroren, dat men in goed gesloten ijskelders bewaart en
tot het afkoelen der dranken gebruikt.
372. De waterdamp ln den dampkring en de hy-
groskopische verschijnselen. Door de verd a m p i n g, die terdamp
bestendig aan de oppervlakte der zeeën en rivieren, van den
vochtigen grond en van de daarop groeijende planten plaats heeft, kring,
vormt zich eene groote hoeveelheid waterdamp en verspreidt
zich, zonder voor ons zigtbaar te zijn, door den dampkring.
Wij bemerken zijne aanwezigheid, zijn af- en toenemen uit zijne
werkingen. Er zijn namelijk een aantal ligchamen, die den wa-
terdamp , welke zich in den dampkring bevindt, gretig inzuigen
en daardoor eene verandering ondergaan; men moet ze hy-
groskopische, dat is, vochtigheid aanduidende, ligchamen.
Daartoe behooren van de onbewerktuigde stoffen inzon-
derheid chloorkalk en potasch, in geringere mate keukenzout
en kolen, onder de organische stoffen haren, balein, snaren
en naalden (angels) van verschillende planten. Hygros-
Proef (7. Stelt men een weinig po t asch of chloo real ci-kopische
urn (zoutzure kalk) aan de lucht bloot, dan nemen zij den "'ater-
De wa-