Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
699
de daarin bevatte lijm wordt uitgekookt; deze levert echter geens-
zins een doelmatig voedingsmiddel op, waartoe men ze heeft
willen bezigen, maar is daartoe even min geschikt als de zoo-
genaamde soep- of bouiUonkoekjes, die voor het grootste ge-
deelte uit lijm bestaan.
Bedekt men een gewoon kookvat met een deksel, dat er
rondom goed op sluit, dan verzamelen zich dampen tusschen
het deksel en het water, en bemoeijelijken door hunne drukking
op de vloeistof het opstijgen van nieuwe dampblazen; de bijko- selop
mende warmte gaat dan in het water zelf over, maar zet ook ,
° . ... kookvat.
de reeds voorhandene dampen weldra zoodanig uit, dat zij het
deksel opligten en gedeeltelijk ontwijken. Ondertusschen was het
water gedurende korten tijd eenigzins boven het kookpunt
verhit geworden.
367. Sneller koken bij geringer drukking der lucht Koken
en der dampen. bij ge-
Proef. Eene kookflesch (of eene reageerbuis) wordt half
water gevuld en boven de spirituslamp zoo lang
Fig. 391. verhit tot er een levendig koken plaats heeft. Men D
kan ze daarbij aan den hals vatten, waarom men
verscheidene malen een bindgaren gewonden heeft.
Nadat het koken eene poos geduurd heeft, ver-
wijdere men de flesch van het vuur en sluite ze
met eene kurk. Het koken zal terstond ophouden.
Giet men echter, nadat men de flesch heeft om-
gekeerd, er eenige druppels koud water op, dan
begint het koken op nieuw en heeft zelfs
dan nog plaats, wanneer het water nog slechts
warm is en er weder koud water op de flesch gegoten wordt.
Bij het levendig koken is bijna alle lucht door de dampen uit de
kookflesch verdreven; na het opzetten der kurk ondergaat daar-
om de warme vloeistof eene zeer geringe drukking der
lucht. Maar de ruimte boven het water is met damp gevuld.