Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
673
een k e 1 d er ons des zomers koel, des winters toJ warm voor-
komt. Begeeft men zich in den zomer en in den winter met
eenen thermometer in de ruimte van een goed gebouwden kel-
der, dan zal men zijne temperatuur in beide jaargetijden bijna
gelijk, ongeveer van 50° F., vinden.
Proef d. Tot waarneming der dampkringstemperatuur i n Damp-
de open lucht hangt men den thermometer aan de buiten-
^ '' warmte.
zijde van het huis, en wel aan de schaduwzijde op. Bij strenge
winterkoude bereikt de thermometer bij ons de O van Fahren-
heitsschaal en daalt enkele malen nog daar beneden. De hoogste
zomenvarmte bedraagt bij ons 90° Fahrenheit.
Proef e. Om de temperatuur van het water, b. v. frisch Bevrie-
bronwater, te onderzoeken, dompelt men den bol van den ther-
mometer daarin. Het meest geschikt daartoe is een thermome- van het
ter, die door een glazen buis omsloten is, in welke zich de schaal
bevindt, of een zoogenaamde badthermometer.
Onontbeerlijk is de thennometer tot het waarnemen der d a m p-
k r i n g s w a r m t e, en hij wordt door natuurkundigen zoo wel
op de toppen der bergen en tot de door luchtbollen bereikte hoog-
ten als in de duikerklokken in de diepten der zee medegenomen.
De hovenier regelt met behulp van den thermometer de tem-
peratuur der broeikast, de geneesheer die van het bad en
van de ziekenkamer, de z ij d e t e 1 e r de warmte der kamers
voor zijne zijdewormen, de bierbrouwer de hitte van het
droogende mout.
354. De voor ons klimaat gewigtige uitzetting van uitzet-
het water door koude. Op de algemeene wet, dat de lig- ting door
chamen door de warmte uitgezet worden en bij het koud wor-
den zich zamentrekken, maakt het water eene uitzondering.
Proef ff. Een kookfleschje, geheel met water gevuld en van
boven van eene daarop gezette buis voorzien, of eene reageer-
buis, zoo als die voor proef 349 is ingerigt, plaatse men in
een vat met smeltende sneeuw. Eerst daalt het water in de buis