Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
648
het midden van den kleurencirkel zwart te maken. Heeft bij
het omdraaijen eene kleur de overhand, dan moet men haar,
door ze met een in schoon water gedoopt penseel te bestrijken,
een weinig van hare levendigheid ontnemen of de levendigheid
der andere grondkleuren door nieuwe bijvoeging van kleurstof
trachten te verhoogen.
Proef rf. Men sluite het rood van de kleuren des kleu-
De aan- rencirkels uit, door aan een stuk wit papier juist de gedaante
vullings- van het roode cirkelsegment te geven en het daarop te leggen ,
■ zoodat het over het middelpunt heen reikt, waarna men het
hier doorboort en door de kurk vast klemt. Snel omgedraaid,
vertoont de kleurencirkel thans eene groene kleur. Ware bij
het groen nog het uitgeslotene rood gevoegd, dan zou het met
dit te zamen wit geven. Wordt omgekeerd het groen bedekt,
dan vertoont zich de kleurencirkel roodachtig. Door het uitslui-
ten van het oranje verkrijgt men blaauw; werd bij het blaauw
oranje gevoegd, dan zou dit het blaauw tot wit aanvullen.
Proef e. Derhalve bedekke men alle kleuren van den kleu-
rencirkel met uitzondering van rood en groen, en men zal
bij snelle draaijing wit verkrijgen.
Van twee kleuren, die elkander wederkeerig tot wit aanvul-
len, heet de eene de aanvullingskleur of complementaire
kleur der andere. In den geteekenden kleurencirkel (met zes kleu-
ren) staan de aanvullingskleuren tegenover elkander, namelijk:
E O O d en groen;
Oranje en blaauw;
Geel en violet.
343. Subjective kleur verschijnselen Er komen niet zel-
den verschijnselen voor, bij welke wij kleuren zien, die in de
Subjec- werkelijkheid in 't geheel niet voorhanden zijn, en welke met
tive den naam van subjective kleur verschijnselen (ver-
kleur-
verschijn-gelijk § 301) bestempeld worden.
selen. proef^r. Op geringen afstand zie men in de rigting naar
het venster op een loodregt gehouden eenkleurig en doorschij-