Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
646
Voor de volgende proeven verschaffe men zich de vier vol-
gende kleurstoffen, die bijna in iedere apotheek te bekomen
zijn: rood karmijn, blaauw indigo-karmijn, berlijnsch blaauw en
guttegom. Niet volkomen de helft van iedere dezer stoffen worde
afzonderlijk met eene dunne oplossing van arabische gom in
water op een stuk glas fijn gewreven.
Wanneer men eene zoogenoemde verfdoos heeft, waarin
deze kleuren voorkomen, dan kan men met minder moeite deze
aanwenden.
Proef a. Men wrijve een gedeelte van het overgeblevene
roode karmijn met het gele guttegom; het mengsel zal ora n-
j e geven. — Guttegom en berlijnsch blaauw te zamen gewre-
ven geeft groen. — Eood karmijn en indigo te zamen zal
violet geven.
Bij het schilderen stelt men diensvolgens uit drie hoofd
kleuren (grondkleuren): rood, geel en blaauw, door ver-
menging de in het prismatisch kleurenbeeld tusschen deze lig-
gende kleuren zamen. Oranje ligt in het kleurenbeeld (§ 335)
in het midden tusschen rood en geel, groen in het midden
tusschen geel en blaauw, violet als 't ware tusschen de voor-
laatste kleur, blaauw, en de eerste rood. Oranje, groen
en violet zijn onder de door terugkaatsing ontstaande kleu-
ren gewoonlijk geene enkelvoudige kleuren, gelijk het door een
prisma voortgebragte oranje, groen en violet; maar zij zijn za-
mengesteld en heeten, omdat iedere door vermenging van twee
hoofdkleuren ontstaat, in het midden tusschen welke deze in het
prismatische kleurenbeeld hare plaats heeft, middenkleuren
of nevenkleuren.
Eood en geel. Geel en blaauw. Blaauw en rood.
Oranje. Groen. Violet.
Proef A. De middenkleuren laten zich, gelijk door werke-
lijke vermenging, ook voortbrengen, terwijl men ze bloot voor
het oog mengt. Men neemt eene dunne cirkelronde schijf bord-