Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
644
stof zien wü, een horizontalen, de andere maal een loodregten
stand geeft.
Proeft. Ziet men dwars door een stuk wit vensterglas,
dan schijnt het volkomen doorzigtig en kleurloos. Maar legt
men verscheidene stukken daarvan boven elkander, of ziet
men door of op den kant van die strook, dan toont zij eene
groenachtig blaauwe tint. Het zelfde verschijnsel bieden ijs en
water aan, 't geen bewijst, dat zij niet volkomen door-
zigtig zijn. In 't algemeen vertoonen doorzigtige lig-
chamen zich meer of min gekleurd, zoodra groo-
tere massa's daarvan het licht terug kaatsen of
doorlaten.
Het Zoo heeft ook de lucht in grootere massa's eene schoone
blaauwe kleur. In de aanmerkelijke hoogten, waartoe men
hemels, in luchtbollen opgestegen is, en op de toppen van hooge ber-
gen , waar men dunnere en meer doorzigtige luchtlagen boven
zich had, zag men de onverlichte wereldruimte met zijne zwarte
tint. Eerst de dampkringslucht, welke bij voorkeur de blaauwe
stralen terug kaatst, geeft aan de hemelruimte voor het oog zijne
blaauwe kleur. Het blaauw des hemels wordt bleeker gemaakt
door rook- en stofdeeltjes en inzonderheid door waterdampen,
die als ligte nevelsluijers in den dampkring zweven. Daarom
toont de hemel het zuiverste blaauw na eenen regen, wanneer
deze met de lucht vermengde deeltjes neergeslagen zijn.
Het Oorzaken van het avond- en morgenrood zijn de in
avond- de lucht bevatte waterdampen. Volkomen luchtvormige water-
genrood"^™P is volmaakt doorzigtig en kleurloos (§ 364); door afkoe-
ling verdigt hij zich tot een witten nevel. Tusschen beide toe-
standen ligt een trap van overgang uit den damp-
vorm in den nevelvorm.
Proef c. In eene niet te sterk of in het geheel niet ver-
warmde kamer zette men een vat met kokend heet water bij een
door de zon beschenen venster, neme zijn standpunt zoo ver
mogelijk daarvan en zie door den opstijgenden damp naar eene