Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
633
witte punt P uitgaat, en zijne rigting naar eene lager gelegene
plaats h van het prisma neemt, wordt daardoor insgelijks in
gekleurde stralen ontbonden; maar dewijl het oog eene te hooge
plaats heeft, komt slechts de bovenste daarvan, de violette
straal tO in het oog. Daarom ziet het oog het beschouwde punt
in de rigting van den rooden straal OrR en in die van den
paarschen Ot)V; in plaats van het punt vertoont zich eene
streep EV, bedekt met de prismatische kleuren, van boven
rood en van onderen paarsch. — Lager dan het punt P ligt
een tweede punt, dat het zelfde verschijnsel oplevert; het ver-
toont zich ook als gekleurde streep, doch lager, zoodat
zijn rood met het oranje van de eerste streep zamen valt. Ge-
heel boven aan de beschouwde strook papier wordt daarom een
roode en oranjekleurige rand gezien; in het midden vallen de
zeven onderscheidene stralen van verschillende punten op elk-
ander en geven wit, en aan het benedeneinde blijven violet
en blaauw over en vormen een gekleurden zoom.
338. Gekleurde en kleurlooze randen bij de breking q^j^j^^^
door lenzen. De beide zijvlakken der boUe lenzen hellen aan ran-"
den rand tot elkander, gelijk de vlakken van een prisma. Daar- «ien door
om heeft ook bij haar eene ontbinding van het witte licht in
gekleurd plaats, ofschoon minder in 't oog vallend, en er vei^
toonen zich gekleurde randen.
Proef rt. Men late de zonnestralen evenwijdig met de as
Fig. 355.

R m

■il*