Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
593
het midden van het netvlies. Ziet men strak naar deu versten
vinger, dan ziet men den naastbij zijnden dubbel.
323. De voortduring van den indruk des lichts. Een
lichtindruk, op het netvlies ontstaan, houdt niet plotseling op,
maar duurt nog eenigen tijd voort, eer hij geheel verdwijnt. Vol-
gen nu twee liehtindrukken zoo snel op elkander, dat de eerste
nog voortduurt, wanneer de tweede er bij komt, dan vloeijen
zij in eene enkele waarneming zamen en worden door het oog
gelijktijdig waargenomen.
Proeft/. Op eene rol, een potlood, teekene men een punt
met kiijt aan en late ze snel op de tafel voortrollen. Het heldere
punt beweegt zieh zoo snel, dat het zich voor het oog reeds op
de tweede, derde en nog meer plaatsen zijner cirkelvormige
baan vertoont, terwijl het nog op de eerste gezien wordt; er
vertoont zicli een witte cirkel, die het potlood omgeeft. — Zoo
kan men ook eene glimmende kool in het donker snel in
een kring ronddraaijen en men zal een lichtenden cirkel zien.
Proef b. Gelijk de voorgaande proef aanschouwelijk maakt,
dat eene lijn, hetzij eene regte of eene cirkelvormige, door be-
weging van een punt ontstaat, zoo kan meu ook de voortduring
van den lichtindruk bezigen
Voort-
during
van den
licht-
indruk.
Fig. 331.
om zich het ontstaan van lig-
chamen aanschouwelijk voor
te stellen. De kegel ont-
staat door de omwenteling
van een regthoekigen drie-
hoek, de cilinder door
die van een regthoek, de
bol door de omwenteling
van een hal ven cirkel.
Daarom buige men een zeer
blanken en niet te dun-
Onistaan
vau den
kegel,
den ci-
linder
en den
bol.
nen geelkoperdraad tot deze, in nr. 1,2 en 3 voorgestelde,