Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page

vindenden een arm igen hefboom cg gedragen, die zijp
steunpunt op de snede c, in het onderstel der balaBS, heeft en
links doormiddel eener tweede staaf gd, die van de
spil a verder verwijderd is dan de eerste, den
evenaar in d naar beneden trekt. Zoo werkt door de tweede
staaf ook het deel van den last, dat door de snede / gedra-
gen wordt, en dat bij voorbeeld 40 pond bedraagt, in het-
punt ö! op den evenaar. Hier mogen echter de 40 pond
geenszins met hunne geheele kracht aangrijpen; want de hef-
boomsarm voor den geheelen last = a e moet tienmaal korter
zijn dan de hef boomsann voor de weegschaal a h. Desniettegen-
staande is fl rf, de arm voor de tweede staaf, verscheidene,
misschien naauwkeurig 8 malen zoo lang als a e. Gevolgelijk
zouden de 40 pond tegen de gewigten in de weegschaal eene
8 maal te groote werking voortbrengen, gelijk 8 x 40 pond.
Zal de balans juist zijn, dan moeten de 40 pond aan den 8
maal te langen arm der balans a d naauwkeurig slechts met
het achtste deel van hun gewigt, met de kracht van
aangrijpen. Dit laat zich door de indeeling van den één-
ar migen hefboom c g bereiken. Is de snede/, waarop de
brug rust, van het steunpunt e 1 deel verwijderd, terwijl de
geheele hefboom c g 8 zulke deelen heeft, dan werken de 40
pond, dewijl zij op den korteren hefboomsarm c ƒ drukken, op
het eindpunt g- van den längeren slechts met Vs hunner kracht
= 5 pond. Hieruit volgt: Gelijk de eene helft van de balans
ingedeeld is, zoo moet ook de onderste hefboom ingedeeld
zijn; zoo menigmaal a e in a d, juist even zoo menigmaal moet
c ƒ in c g bevat zijn; zoo menigmaal aan den evenaar de
hefboomsarm voor de brug in dien voor den ondersten hef-
boom bevat is, even zoo menigmaal moet de hefboomsarm der
brug aan den ondersten hefboom in diens geheele
lengte bevat zijn. Op welke plaats der brug nu ook een last
liggen mag, steeds werkt hij zoo, alsof hij geheel aan de eerste
staaf of aan een arm der balans hing, die een tiende deel van