Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
462
voorziene lampen, helderder, omdat de van onder komende,
aan de vlam verhitte lucht zich dan niet naar alle zijden kan uit-
breiden , maar naar boven moet trekken en, sterker verwarmd,
sneller opstijgen. Het gevolg daarvan is, dat de zuurstof bren-
gende luchtstroom vermeerderd wordt; het zelfde bewerken de
schoorsteenen.
Proef c. Een brandenden zwavelstok steke men met het
aangestoken einde in een hoop zand of in asch. Daardoor wordt
de lucht van de vlam afgesloten en zij zal uitgaan.
Vuur laat zich door afkoeling of door afslui-
ting der lucht blusschen. Bij het blusschen met wa-
t e r worden beide middelen te gelijk aangewend; door den ge-
ringen warmtegraad en de verdamping van het water wordt de
vlam afgekoeld en daarenboven de toegang der lucht gestremd.
Brandende gebouwen tracht men zoo neêr te halen, dat
de zetel der vlam met puin bedekt en tegen het toestroomen
van versche lucht afgesloten wordt. De openingen van brandende
schoorsteenen of kelders sluit men door natte zak-
ken of nat zand; brandend vet of olie wordt door het over-
dekken met een vast ligchaam gebluscht, terwijl het op ingego-
ten water zou drijven, het door zijne hitte in dampen veran-
deren, en door deze brandende naar alle zijden weggeslingerd
zou worden. Bij het uitblusschen eener kaars met den snui-
ter, of door ze met een domper te bedekken, wordt insgelijks
de lucht afgesloten.
Vergiftig ^ordt de toegang der lucht tot glimmende kolen zoo be-
kooloxy-lemmerd, dat er slechts weinig lucht bij komen kan, dan ont-
de-gas. ijj.gg]j(. jjgj. jjjjjj zum-stof, waarmede de kolen zich zouden kun-
nen verbinden en koolzuur vormen. Bij belemmerden toe-
gang der lucht, of bij te lagen warmtegraad, verbindt zich
de kool met minder zuurstof tot eene andere luchtsoort, die
kooloxyde-gas heet. Dit gas is, als het ingeademd wordt,
vergiftig en doodelijk. Het ontstaat in vuurtesten, omdat de over
de kolen liggende asch den toegang der lucht bemoeijelijkt, en