Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
33
het smallere is besteed. Hebben twee tuiniers twee volkomen den
gelijksoortige tuinbedden op gelijke diepte omgegraven, van
welke het eene dubbel zoo lang is als het andere; dan heeft de den
eene tuinman dubbel zoo veel gedaan als de andere, en zijne^^g®
spade heeft ook een dubbel zoo langen weg doorloopen. Om eenen den
balk van dubbele breedte door te zagen , laat de timmerman
eiken werkenden tand der zaag den dubbelen weg doorloopen,
en zijn arbeid is de dubbele. De werktuigelijke arbeid
neemt gevolgelijk even zoo toe als de weg, die
door het aangrijpingspunt der kracht doorloo-
pen wordt.
Nemen wij daarentegen aan, dat naast een opperman, die
telkens acht steenen haalde, een kind den trap opklom , dat tel-
kens eenen steen medebragt, dan verrigtte de opperman blijk-
baar 8 maal zoo veel als het kind. De door beiden afgelegde groei-
weg is volkomen gelijk; maar de kracht, die de volwassene moet ^
aanwenden om de drukking van acht steenen te overwinnen, is den
de achtvoudige van die des kinds. De werktuigelijkear-
beid neemt derhalve ook even zoo toe als de den
grootte van den opgeheven last of van den over- gg^
wonnen tegenstand, of als de krachtsaanwending die last.
daartoe noodig is. Gesteld, dat een b oe k b i n d e r een stuk bord-
papier heeft door te snijden, en daarbij op zijn mes eene be-
paalde drukking, die zich in ponden laat uitdrukken, moet uit-
oefenen, opdat het door eenmaal den weg te doorloopen de massa
doorsnijde; dat een ander stuk bordpapier daarentegen driemaal
zoo dik is, dan vordert het doorsnijden van het laatste, dewijl
er driemaal zoo veel boven elkander liggende deeltjes te schei-
den zijn en derhalve een drievoudige tegenstand te overwinnen
is, het drievoud van den arbeid, dat op tweederlei wijze ver-
rigt kan worden: óf het mes legt onder de zelfde drukking als
te voren het drievoud van den weg af, óf het doorloopt den
weg slechts eens, maar onder drievoudige drukking. Geheel het
zelfde laat zich gemakkelijk op daglooners toepassen, die eene
ce. nat. 3