Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
368
gewone gele bloedloogzont, totdat er ongeveer eene gelijke
hoeveelheid zilver in de zelfde hoeveelheid als in de vorige op-
lossing voorhanden is 1). De laatste bereiding is veel onkost-
baarder, en de zoo verkregene oplossing is voor eenige proeven
even goed, maar zij wordt bij eenigzins aanhoudend gebruik op
de na te melden Avijze veel spoediger uitgeput dan de eerste.
Wü men evenwel, zonder in scheikundige handgrepen ervaren
te zijn, zijne oplossingen zelf bereiden, dan kan men dit niet ge-
makkelijker doen, dan met behulp van het element zelf, dat men la-
ter tot den nederslag der metalen wil aanwenden. Wanneer men
namelijk den koperdi-aad, die bij de vorige proef in de koper-
vitriool-oplossing was gedompeld, na de proef oplettend be-
schouwt, dan zal men bevinden dat deze blank gebeten is, en
wanneer men de ontleding gedurende eenige uren heeft doen
voortduren, zoodat het looden reepje door het daarop aangesla-
gen koper merkbaar aan gewigt gewonnen heeft, dan zal men
bij weging van den koperdraad bemerken, dat deze even
veel aan gewigt heeft verloren. Er wordt aan de eene
geleidplaat even veel metaal opgelost, als er aan de andere wordt
afgescheiden, althans in eene oplossing, als de boven gebezigde,
waarin van het zuur (zwavelzuur) en van de stof, die zich met
dat zuur verbond (de basis, koperoxyde), evenredige, juist voor
elkaar passende hoeveelheden voorhanden zijn. Een ander ver-
schijnsel vindt plaats, als twee metaalplaten met de beide polen
van een element of batterij verbonden en in eene oplossing zijn
gedompeld, die met dit metaal eene verbinding kan aangaan.
*Proef. Men verbinde twee reepjes plaatkoper of twee ko-
perdraden, van b. v. 5 duimen lengte, elk aan een der pooldraden
van het Bunsen-element en dompele ze op een vingerbreed af-
stands van elkaar in verdund zwavelzuur, dat men daartoe in
een klein bierglaasje of apothekerspotje heeft gegoten. Na kor-
1) Naarmate het zilver zich oplost, scheidt zich ijzerosyde uit de
oplossing af, dat later door filtratie wordt verwijderd.