Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
366
zen met water, keert ze om, terwijl men hare opening met den
duim gesloten houdt, doopt ze in het water van den trechter,
trekt den vinger weg en brengt iederen cilinder boven een pla-
tinadraad. De gasblaasjes stijgen in de cüinders op, en men ver-
krijgt aan den negativen sluitdraad twee inhoiulsdeelen water-
stof, aan den positiven één deel zuurstof. Neemt men er
de gevulde glaasjes afzonderlijk uit, dan zal de waterstof in de
reageerbuis ter regter zijde aan eene bijgehoudene vlam ontbran-
den en ontploffen; maar in de zuurstof van den anderen cilinder
zal een stukje glimmende zwam, dat men er in houdt, met hel-
dere vlam branden.
♦Heeft men deze proef met platinadraden in den trechter
verrigt, en herhaalt men haar dan met de boven aangegevene
platinar e e p e n van veel grootere oppervlakte, dan zal men, al-
thans als de aangevende elementen niet te klein zijn, bemerken
dat daarmede de gasontmkkeling veel rijkelijker is, dat er in
den zelfden tijd veel meer gas ontwikkeld Avordt. Het zelfde kan
men waarnemen, als men, in plaats van enkel water, verdund
zw^avelzuui* in den trechter giet. Dit geleidt den stroom veel be-
ter dan water; in beide gevallen dus ziet men dat de uitwerkse-
len van den stroom eener zelfde batterij des te sterker zijn naftr
mate die stroom minder tegenstand op zijnen Weg ontmoet, het-
geen overeenkomt met het vroeger bij het gloeijen van draden
(207) waargenomen verschijnsel.
212. Galvanische verzilvering en vergulding.
Ontleding ï* 0 e f. In een bierglas wordt een weinig kopervitriool
van een gedaan, dat in den vorm van een blaauw zout in iedere apo-
koperzout.^j^^^^ te binden is, waarvan men voor eenige centen voor
de volgende proeven genoeg kan verkiijgen, en dit met water,
het best met rivierwater of regenwater, overgoten. Er vormt
zich eene kopervitriool-oplossing van eene fraaije blaau-
we kleur. Daarop verschaffe nien zich een koperdraad en een
reepje plaatlood van b. v. 10 duim lengte en 1 breedte, en reinigè