Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
340
gen grond of het water te bereiken. Om tot dit eindpunt
zijner baan te geraken, volgt hij de beste geleiders
der eleetrieiteit, weerhanen, dakgoten, kagchelpijpen;
zelden springt hij daarbij van de vaste ligchamen af en slaat
alleen dan den weg weder door de lucht in, wanneer hij door
eene kleinere tusschenruimte tot een beteren geleider kan ge-
raken.
Werkin- De mechanische werkingen van den inslaan-
^^den^" den bliksem op slechte geleiders zijn ongemeen he-
bliksem vig. De meubelen eener kamer Avorden omver geworpen en ver-
brijzeld, de deuren uit de hengsels gerukt en weggeslingerd,
de deurstijlen gespleten, wagens worden doorboord, de masten
der schepen en boomen gebroken. Door de warmte, die de
bliksemstraal in slechte geleiders opwekt, worden strooijen daken,
droog hout en kleedingstakken verkoold of in brand gestoken,
en dunne stukken metaal gesmolten; zoo zijn op verscheidene
plaatsen de vergulde wijzers der torenklokken getroffen, het
goud gesmolten en het lood der zich daaronder bevindende ven-
sters of daken er mede overtrokken. Zelfs wanneer de bliksem
door lagen zand breekt, om tot den daaronder liggenden voch-
tigen grond te geraken, smelt hij de zandkorrels en teekent
zijnen weg door zwartachtige of gi-aamve, inwendig verglaasde
buizen, omtrent twee duim wijd, de zoogenaamde bliksembuizen,
gelegen deel van den aardbol plotseling tot den natuurlijken
toestand terug, en dat is het, wat wij gewoonlijk het inslaan van den
bliksem noemen. Bij onze volslagen onbekendheid met den waren aard
der eleetrieiteit spreken wij namelijk, om hetgeen wij zien toch in
woorden te kunnen weêrgeven, er altijd over, alsof eene electrische
vonk iets was, dat van het eene ligchaam op het andere overspringt;
maar het is van belang daarbij in het oog te houden, dat dit slechts
eene voorstelling is, waarmede wij ons, bij gebrek aan beter, als 't
ware behelpen. In dien zin moet alles worden opgevat, wat tot he-
den over electrische vonken is gezegd en wat later over deze en der-
gelijke onderwerpen zal gezegd worden, Ln.