Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
en magt werkten op plaatsen van onzen hefboom, die 24 duim
van het steunpunt verwijderd waren; hunne aangrijpings-
punten hadden dezen afstand van het steunpunt. Het gedeelte
van een hefboom tusschen zijn steunpunt en het punt, waar de
last of magt werkt, heet een arm van den hefboom. De Armen
hiervoren gebruikte hefboom heeftt wee armen; de hefbooms- ^^JJ^ff^
arm der magt lag aan de eene, de hef boomsarm van den last boom
aan de andere zijde van het steunpunt. Beide hefboomsarmen
zijn even lang, want magt en last moesten beiden 24 duim
van het steunpunt verwijderd zijn. De gebruikte toestel *is mits-
dien een hefboom met twee gelijke armen.
Proef. Men schuive verder de beide gewigten nader bij Korte-
het steunpunt, zoodat ieder 18, daarna 14 of 8 duim, maar boomL.
steeds beide even ver van het steunpunt verwijderd zijn; dan
verkrijgt men kortere hefboomen met gelijke armen,
die steeds in evenwigt zijn, omdat de last gelijk is aan de magt.
Eindelijk neme men andere ge wigten, de beide onsen, en
late ze aan even lange armen werken. Ook daarbij bevestigt
zich voor den hefboom met gelijke armen de
Wet: De hefboom met gelijke armen is in
evenwigt, wanneer de magt gelijk is
aan den last.
Moet daarentegen de hefboom niet rusten, maar moet de last
bewogen en werkelijk opgeheven worden , dan moet de magt groo-
ter zijn, gelijk men ligt zien kan, wanneer men boven aan den
toestel van den hefboom op het aangrijpingspunt der magt nog
een sleutel legt.
Niemand zal daarom, om een zwaarderen last op te tillen. Gebruik
eenen hefboom met gelijke armen te hulp nemen, dewijl hij met
den hefboom nog meer ligchaamskracht zou moeten aanwenden boom
dan zonder. Daarentegen wordt de hefboom met o'eliike armen,
dewjjl hij ons door zijnen stand van evenv/igt aantoont of een men.
last aan eene bekende kracht gelijk is, gebruikt om het gewigt