Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
275
liem toegekeerd zijn, binnen eenen wijderen ring. Het in het
kompashuisje opgehangen kompas waar te nemen en uit zijne
stelling en uit de grootte der declinatie de hemelstreken te be-
palen, is het werk van den stuurman.
Het gebruik van het kompas hebben de volken van het wes- Geschied-
ten , gelijk de in den beginne gebruikelijke arabische namen ^ijzcfnP
voor de noord- en zuidpool der magneetnaald bewijzen, van dedcrhedcn.
A r a 1) i e r e n, niet later dan in de twaalfde eeuw, geleerd, en
dezen hebben het onmiddellijk aan de Chinezen te danken.
Geschiedkundige werken der Chinezen, voor Christus geboorte
opgesteld, maken melding van de magnetische weegwerktuigen
of weegschalen, welke een hunner keizers omtrent duizend jaren
vroeger aan de gezanten uit Achter-Indië had geschonken, o])-
dat zij op hunne terugreis niet van hunnen weg over land zou-
den verdwalen. In de vierde eeuw na Christus geboorte gebruik-
ten de Chinezen het kompas reeds ter zee, om hunne reizen
op de opene zee zeker te leiden; maar daar hunne schepen bij-
na altijd hunnen koers naar het zuiden rigtten, zeiden zij steeds
dat de magneetnaald naar het zuiden wees. Door chinesche
schepen verbreidde de kennis van het kompas zich naar O o s t-
I n d i ë en van daar bij de Arabieren, door welke zij naar
Europa kwam. Hier maakte een fransch dichter, die in 1181
bij de beroemde hofhouding van keizer Frederik I te Mentz
tegenwoordig was, Guyot van Provins, in een gedicht, de „Koos"
getiteld, het eerst van de eigenschap der magneetnaald gewag
en spreekt er van als van eene zeer bekende zaak. Ten onregte
heeft men langen tijd aan Fla vio Gioja, uit het schoone en
door zijne zeewetten beroemde Amalfi, die omstreeks het jaar
1300 leefde, de uitvinding van het kompas toegeschreven, 't
geen misschien zijnen grond daarin heeft, dat hij waarschijnlijk
de eene of andere verbetering van den toestel heeft opgegeven.
Door aanwending van het kompas zijn de groote ontdekkings-
reizen ter zee, welke in dien tijd vallen, mogelijk geworden.