Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
147
heeft, schuift men het ijzerdraad no. 4, dat zich aan het stijl-
tje , waaraan het verbonden is, op en neêr laat bewegen, tot op
gelijke hoogte met de oppervlakte des waters. Daarop neemt men
uit de weegschaal het eene stuk gewigt na het andere weg.
Eindelijk wordt de drukking van den hefboom op de beneden-
zijde van den beweegbaren bodem kleiner dan de drukking der
waterkolom, die er op staat; deze drukt den beweegbaren bo-
dem naar beneden en vloeit in den daaronder geplaatsten meta-
len bak no. 5. Op den bodem heeft daarbij blijkbaar het gewigt
eener waterkolom van den omvang des bodems en van de door
den draad no. 4 aangewezene hoogte gewerkt. Nu schroeft men
er de glazen buis af en zet in hare plaats de van boven ver-
w ij d e glazen vaas op; giet men water in deze, dan rukt zijne
drukking den beweegbaren bodem los, wanneer het water de
door het ijzerdraad,aangewezene hoogte bereikt. Het zelfde heeft
plaats bij vaten, die van boven enger zijn, of die eene ge-
daante naar verkiezing hebben ; daarin toont zich de drukking
op den bodem naauwkeurig even zoo groot, wanneer de water-
kolom de zelfde hoogte bereikt heeft. Bij al deze proeven is,
daar zij allen op den zelfden schroefrand waren geplaatst, voor
alle vaten de bodera de zelfde gebleven ; daarentegen is de ge-
daante der vaten en de daarin vervatte hoeveelheid waters zeer
verschillend, maar ook zonder eenigen invloed. Daarom geldt
voor de hoegrootheid der drukking op den bo-
d e m de
Wet: De drukking van het water op den ^^^^
bodem van een vat rigt zich niet naar voorde
de E^edaante van het vat, maar j g <ii'«kking
® _ ' eener
steeds gelijk aan het gewigt eener wa-vloeistof
terkolom, welke den bodem tot grond- ^
® bodem.
vlak en de hoogte van de waterkolom
tot hoogte heeft.
Is een vat eene palm breed en even zoo lang en hoog, en
heeft het overal de zelfde wijdte, dan bevat het juist eene ku-
10*