Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
96
^ig- ■IS c. schroefzonder
© einde. Dit is, zoo
als de figuur dit aan-
toont, eene schroef,
welke met twee glad
gedraaide tappen of
halzen draaijen kan
tusschen twee stand-
aarden, die haar dit
draaijen veroorlo-
ven , maar haar be-
letten zich regts of
links te bewegen.
Aan beide halzen,of
ook wel aan een der
beide, zijn krukken
bevestigd. De draad dier schroef grijpt in de tanden van een
daaronder geplaatst tandrad en doet dit bij eiken geheelen om-
gang der schroef een tand vooruit gaan. Is nu, zoo als in onze
figuur, aan dit rad de spil van een windas bevestigd, dan heeft
men een windas met schroef zonder einde. Draait
men de schroef met behulp van eene der krukken om, dan is ten
eerste de kracht, waarmede het rad omgedreven wordt, zoo veel
malen grooter dan die, welke men op de kruk — aan het magt-
punt — aanwendt, als het aantal malen bedraagt, dat de hoogte
des schroefdraads is begrepen in den omtrek des cirkels, die door
dit magtpunt wordt beschreven (§ 43). Op een windas aange-
wend , wordt deze kracht nog zoo vele malen vergroot als de
straal der spil bevat is in dien des rads, op het midden van de
tanden gemeten (§ 26). Men vindt dus bij eene inrigting als
de hier afgebeelde de verhouding van de kracht tot den last, door
het produkt van den straal der spil en de hoogte des schroef-
draads te deelen in dat van den straal des rads en den omtrek
des cirkels, door het magtpunt beschreven, en laten wij de wrij-