Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
mogelijk te maken, zonder dat de duidelijkheid daardoor ver-
mindert, plaatst men tusschen het oog en het voorwerp een
gegoten of geslepen glas, „lens" genaamd, van zoodanigen
vorm, dat het de eigenschap bezit, om die van het voorwerp
uitwijkende lichtstralen, welke de oorzaak der onduidelijkheid
zijn, zoodanig in hunne rigting te veranderen, dat zij weder
in het oog kunnen indringen en aldus het voorwerp nu weder
duidelijk waarneembaar maken. Door hetzelfde hulpmiddel wordt
het ook mogelijk, voorwerpen, die zoo klein zijn, dat men ze met
het bloote oog niet zien kan, zoo veel schijnbaar te vergrooten,
dat zij zigtliaar worden. Zulk eene lens, in eenen houten of
metalen ring bevestigd, soms van een handvatsel voorzien, ofwel
aan een reglop staand staafje verbonden, noemt men, wanneer
zij een gering vergrootingsvermogen bezit, een vergrootglas
of loup, en wanneer zij sterker vergroot en daaraan nog eene
inrigting bevestigd is tot het vasthouden van het te onderzoeken
voorwerp: enkelvoudig mikroskoop. Ieder, die wel
eens de werking van een zoogenaamd brandglas, b. v. tusschen
de zon en eene ontvlambare stof, zoo als tabak, enz. gehou-
den, heeft opgemerkt, zag daarbij, dat de zonnestralen slechts
dan hunne sterkste werking op het ontvlambare voorwerp
uitoefenden, wanneer men het glas op zekeren bepaalden af-
stand hierboven vasthield. Zoodanig punt nu, waarin het vlam-
metje ontstaat, heet het brandpunt, en de afstand tusschen
het brandpunt en het midden van het glas heet .brand-
punts-afstand. Wat nu van het brandglas tegenover de
stralen der zon geldt, is ook toepasselijk op alle andere aan
weerszijden bolle {of biconvexe) lenzen met betrekking tot de
lichtstralen, die van een voorwerp uitgaan. Iedere zoodanige
lens heeft haar eigen brandpunt en dus ook brandpunts-afstand.
Die brandpunts-afstand wordt steeds kleiner, naarmate de len-
zen boller en dikker zijn, terwijl tevens haar vergrootings-vor-
mogen toeneemt. Wil men nu door zulk eene lens het een
of ander voorwerp zien, dan komt het er zeer op aan, waar
zich dit laatste bevindt. Indien dit juist in het brand()unt is,
dan kan men het niet zien; bevindt het zich daarentegen
niet daarin, dan zijn er slechts twee andere plaatsingen
denkbaar: 1". óf het bevindt zich verder dan de brandpunts-
afstand van de lens, 2". óf tusschen het brandpunt en de