Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
415
tot de verklaring te kunnen geraken van het verschijnsel, dat de
eene plant wel en de andere niet of minder goed op deze of gene
plaats groeijen kan. Zij moet dus
zoowel daarbij letten op de groote
verscheidenheid, welke aan de
gronden, waarin de planten geves-
tigd zijn, eigen is, als op de me-
nigvuldige wisselingen in de oor-
zaken, waardoor de klimaten be-
paald worden, enz. en bereids is
het gelukt, langs dien weg, ten
opzigte van standplaats en gebied
der planten, menig verband tus-
schen oorzaak en gevolg te ont-
dekken, hetgeen leiden kon tot het
aannemen en vaststellen van zekere
algemeen geldige regels (zooge-
naamde 11 natuurwetten").
Bij dit veelomvattend onderzoek
moest van zelf ook eene telling der
soorten, geslachten en familiën in
de onderscheidene streken der aarde
plaats hebben, waardoor men ook
de gelegenheid verkreeg, de ver-
houding te leeren kennen tussohen
het getal der soorten, geslachten,
familiën en grootere groepen, op
bijzondere plaatsen der aarde, zoo-
wel met betrekking tot elkander,
als tot op andere plaatsen voorko-
mende groepen en zelfs tot het
geheele bekende plantenrijk. Door
dit onderdeel der planten-aardrijk,s-
kunde, planten-statistiek ge-
noemd, is ook reeds de wetenschap
418.
478. Een takje van Elódea canadénsis («waterpest"); »(5iSr weinige jaren uit de wa-
teren ïan Noord-Amerika naar Engeland door toeval meegevoerd, verstopte zij al-
daar, ten gevolge van hare bijzonder snelle uitbreiding, vele kanalen en stroomen,
waarna zij zich o. a. ook ten onzent in het Vechtwater, enz. reeds als schier onuit-
roeibaar heeft genesteld (zie Joiim. de Bof. Neérl., 1861, p. 29).