Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
376
kweekei's en is het aan deze bewerking — kruising — te
danken, dat er nog zoo veel meer verscheidenheden in den
bouw van planten en met name harer bloemen zijn tot stand
gebragt, dan de natuur ons reeds ter aanschouwing en be-
wondering aanbiedt. Intusschen is het ontstaan langs na-
tuurlijken weg van bastaarden niet zoo zeldzaam, als men
zich meestal voorstelt; zoo noemt men namelijk die planten,
welke ontstaan zijn ten gevolge eener bevruchting van hare
moederplanten door stuifmeel, van eene andere, gewoonlijk
zeer naauw met haar verwante .soort afkomstig. — De kunst-
matige bastaard-vorming of kruising gelukt reeds dikwijls
zeer goed door bij eenslachtige bloemen de mannelijke op
den oogenblik, dat de meeldraden zijn opengebersten, af te
snijden en daarmede de vrouwelijke, met name ter plaatse
der stempels, aan te raken. Bij tweeslachtige bloemen is het
noodig, vooraf vroegtijdig de helmknoppen af te snijden uit de
bloem, welke men bestuiven en soms ook den stijl met stempel uit
die, waarmede men dit verrigten wil. De bastaard-plant ver-
toont kenmerken van beide gewassen en meestal meer van
één dier beiden, waarvan zij afstamt. Verkrijgt zij soms later
voor kieming vatbare zaden, dan ontstaan langs dien weg
gewoonlijk planten, die weder meer en meer op de allereer-
ste stamplanten gaan gelijken. Om ze dus duurzaam te be-
houden, bevorderen de kweekers hare vermeerdering dan ook
in den regel niet door zaden, maar door knoppen, enz. Van
die, welke nimmer zaden voortbrengen, kan de vermeerdering
alléén door afleggers of andere dergelijke hulpmiddelen ge-
schieden.
In tegenstelling met hetgeen u tot dusverre omtrent den
noodzakelijken invloed van de stuifmeelbuizen op de kiem-
l)laasjes ter vorming eener kiem is medegedeeld, werd vroe-
ger meermalen en in de laatste jaren op nieuv/ voor som-
mige planten de meening verdedigd, dat ook het ontstaan van
kiemen mogelijk ware, zonder voorafgegane bevruchting. Of-
•schoon dit eenerzijds zelfs door overigens naauwkeurige waar-
nemers is beweerd, is deze meening, ten gevolge van het
onderzoek, door andere zeker niet minder scherpziende plant-
kundigen ingesteld, thans als onhoudbaar te achten. Wèl
komt het in enkele gevallen voor, dat zich zonder bevruch-