Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
•218
212. KraBswic!'.
door sommigen als een tweede,
dun en doorschijnend omhulsel
beschrevene, is de eigenlijke cel-
wand. Genoemde groote cel nu
is zelve de spore of hare moeder-
cel, welke, na zich door het kroon-
tje, dat klepvormig uiteenwijkt,
eenen weg tc hebben gebaand,
bij de kieming regelregt boven-
waarts tot een .stengel en van
onderen tot een wortelvormig deel
uitgroeit. Opdat de spore hiertoe
geschikt worde, veronderstelt men
eene (regtstreeks nog niet waar-
genomene) daarop plaats grij-
pende inwerking of bevruchting van den kant der andere
soort van voortplantingsdeelen — antheridiën —, welke
men óf op dezelfde plant in de nabijheid der spore-vruchten
aantreft, óf op afzonderlijke individu's. Zij zijn bolrond en
staan op korte steeltjes; hun wand bestaat uit 8 platte, drie-
hoekige, roode cellen met straalvormig geplooiden rand. In
de holte, welke deze te
zamen omringen, reikt
dwars van het midden
van elk dier cellen bin-
nenwaarts een cylinder-
vormig celletje naar
ëéne groote fleschvor-
mige cel, welke in het
midden der holte oprijst
en aan haren top vele
kleine bolronde celletjes
l>ezit, die een aantal lan-
ge ineengewikkelde dra-
den dragen. Elk dier
draden bestaat uit korte
celletjes, in ieder waar-
213. VoortplantingsdeelcD van kranswieren.
27-2. Stinkend kranswier (Chdra Joétida).
273. A. Tusschen 4 eindct-llen vindt men liier de sporevrucht met liaar kroonljr