Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
68 dr grijzaart en de jongeling.
*k Bedacht reeds als knaap (was het andwoord dea ouden),
Hoe spoedig de jeugd ons ontgaat,
'k Heb nimmer mijn kracht of gezondheid verkwist:
Beklaagbaar is hy die ze in d'ouderdom mist;
Want, dan is 't berouwen te laat!
Oud zijt gy, 6 grijzaart, (hervatte de jongling,)
Met jonliheid is vreugde vergaan.
(S Zeg my, waarom gy den tijd niet betreurt.
Die 't leven zoo vele genoegens ontscheurt?
6 Zeg my, waar komt dit vandaan?
ïn d'uchtend des levens (was 't andwoord des grijzaarts,)
Gedacht ik hoe ras hy vervliet!
Ik zag op de toekomst, by al wat ik deed ,
Op dat my 't voorleden geen bron wierd van leed J
Én daarom betreur ik hem niet.
Oud zijt gy, ft grijzaart (hervatte hy nogmaals).
Ja, haast aan het eind van uw baan;
En toch zijt gy lustig en blijde te moê,
Ja lacht uw verscheiden met"vrolijkheid toe,
6 Zeg my, waar komt dit van daan?
'k Ben vrolijk! ft jongling, gedenk aan mijn woorden j
Óp dat u dees les nooit ontschiet!
Van boven ontsprong my de bronwel van vreugd:
'k Heb God niet vergeten in 't bloeien der jeugd,
En Hy ook vergfeet my nu niet.
K. W. BILDERDIJK.
JACOB SIMOKSZOOIV DE RIJK.
Elders beur' gewetensdwang ,
Grijnzend , we'-r den kop ;
Vloek' weèr kerker en schavot
Uit hun puinen op;