Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
DK W4ARHRIT) KN RZOPUS.
» We! foei! heb ik zoo'n troiuvloos hart?
»Zoo'II doorbedorveii aart?" —
»Wel foei! is mijn gemopd zoo zwart?
»Mijn inborst zoo onwaard?"
»Wel foei! dat is een wolveutrek 1
»Een Ezels onverstand!" —
V Vervloekt! men hondt ons hier voor gek !
» Dat vrouwmensch moest verbrand 1 ** —
Vergeefs is 't, of de Waarheid zeit:
» Sus, vrienden! zijt bedaard.
V De spiegel heeft u niet misleid,
» Gy ziet uw rechten aart.
» Verbetert u, zoo als 't betaamt,
» Nu gy u-zelve kent;
V Zoo maakt het glas u niet beschaamd ,
» Wanneer ge er 't oog op wendt. " —
V Ik ben zoo niet! Dat 's enkel Nijd
»Van deze Tooverkol!"
Dus roept, dus schreeuwt het wijd en zijd' ,
En alles raast als dol.
» Zy liegt met heur betooverd glas!
» Zy liegt en steelt ons geld.
» Geen Duivel ooit, hoe zwart hy was,
» Is zoo ten toon gesteld."
» Flux , mannen, steenen opgeraapt!
» Weg moet zij met beur tent!
» En die den bek haar openjaapt,
» Dat is een brave vent r'
Straks'haalt men daar de loots om veer,
En alles vliegt in roer.
Doch eindlijk geeft men 't kijkgeld weèr ,
En stilt het Avoest rumoer.
De Waarheid redde met de vlucht
Heur lijf en spiegel nog :
» Ach ! (sprak zy met een diepen zucht)
» Men wil hier slechts beurog." —