Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
24 rembrandts v o o r s po e d i g k reis.
Men komt ran allen kant geloopen,
En vraagt en gaapt;
Maar Rembrandt pakt zich van den wagen
Eer iemand soms de vracht komt vragen,
Of, erger 1 hem zijn' buit ontkaapt.
Terug in de ouderlijke woning ,
Toont hij zijn' schat;
En 't scheen dat wel het meest hem bolde ,
Dat hij zoo pijlsnel huiswaarts rolde ,
Ën nog de vracht gewonnen had!
j. immerzeel, junior.
GELATENHEID.
Gelatenheid in 't lot
Toont eerbied voor een' God,
Die alles, wat Hij geeft.
Zoo Avijs berekend heeft.
Ziet zich de onnoozle mensch
Gedwarsboomd in zi n' Avensch,
Zijn Avrevel stort zie i luid
Iri zucht en Aveeklagt uit.
Grimt hem de rampspoed aan ,
Hij krimpt reeds vóór het slaan,
Eli kermt den echo moê
Bij d'eersten slag der roê,
Als of hem 't lot, te Avreed ,
Te ondraaglijk lijden deed.
Slaat hem het ongeluk
Den stuggen nek in 't juk,
Zijn knieën knakken neèr;
Geen adem rest hem meer.
Gesmaald door maag en vrind,
Schreidt hij zich de oogen blind,
En bidt hét doove graf
Een haastige uitkomst af.