Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
200 onze w e n s c h e v-
Maar de mensclien ,
Die sleclits wensehen,
Om op d'achtergrond te staan,
Daar van daan het spel te kijken ,
Nooit met goud of kroon te prijken,
Stil slechts van 't tooneel te gaan,
Deze braven
Zijn geen slaven
Van een woest en dom gemeen ;
Geen van hen zal trotschlijk pragchen,
't Volk mag om hun plunje lagchen,
Zij gaan stil en vreedzaam heen,
Och! wij allen
Zijn , bij 't vallen
Van 't gorden, elkaar gelijk,
Dikwerf is de troonbeklimmer, *
Bij den beedlaar eens zoo slimmer.
En vervloekt zijn magtig rijk.
Neen, wij willen
Niets bedillen
In 't ons opgelegde spel;
't /ij de rol ons kan doen schittren.
Of de vreugde soms verbittren,
De uitkomst maakt eens alles wel.
Hier op wachten ,
Bij 't betrachten
Van den nooit voldanen pligt j
Slechts Gods bijval te verkrijgen;
Stil te lijden en te zwijgen
Maakt de zwaarste "rol ons ligt,
b. klijn, bz.
FRAGMEINT UIT HLGO VAN T WOÜD.
WATERSNOOD EN REDDING.
't Zwart verschiet
Gaat zwanger van verderf. De kille stroomgod ziet
y.ijn' boezem overstelpt en schier tot smorens drukken
P^oor Harden sneeuw en ijs, die van 't gebergtzich rukken