Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
190 DE AALMOES.
«Wat zou dat baten , jongelief,
« Als de arme die niet vindt?
* Gy "wierpt uw penning wel op straat"",
»Maar, voor dien grij/.aart zonder baatj
« Die arme man is blind. «
• Wat zou dat baten, jongelief!
» Uw aalmoes deed hem pijn;
»» En zou , hoe wel u\f hart het meen*,
» Wegkantiend onder slijk en steen,
» llem tot geen weldaad zijn —r
Hier schoot mijn Zoontj' een traan in *t oog,
Zijn hartjen was bekneld!
Hy wischt hem sluikswijs af, dien traan:
» 'k Wil , (roept hy) zelf beneden gaan,
V En brengen hem het geld I " —
« GA Engel , breng het, voeg er by
« Dit troostwoord, voor zijn smart;
« God 7n(ig 7 u zeegnen , goede man !
« En denk aan God , die zeegnen kan ;
« Maar met een needrig hart! « —
Fluks hupte 't zacht aandoenlijk kind,
Naar d'armen Grijzaart toe.
« Mijn Zoon , 't is weinig of men geeft:
« Gód , die voor alles zorgt, wat leeft,
« Zal eenmaal vragen hoe ? «
w. bïlderdijk.
NEDERLAND
in 1672 en 1678.
.Wat stoft gij op uw zeekasteelen?
» Wat op uw vrijheid , deugd en moed ? .
wWat op den schat der werelddeelen,
» Dien Oost en West in 't juk, neerstorten aan uw' voet!
» 'k W il dat gij op mijn schouwtoïineelen,
» In 't toegew<orpen kleed eens vuigen slaafs zult spelen,
V 'k Wil Frankrijk mesten met uw bloed.