Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
jax van schaffelaar.
Hij rekt de leden rank uit een
En hoort geen weerspraak meer;
Hij wringt zich door het kijkgat heen
En ph)ft van d'omloop 'neèr. g
»Daar hebt gij Jan van Schaffelaar 1"
Weergalmt hij in zijn val:
» Verbrast en deelt hem met elkaar.
En lescht uw heete gal.
» Steekt op de klingen , forsch en zwaar, J
» Bluscht bussen en musket:
»Daar hebt gij Jan van Schaffelaar. . .
» Mijn makkers zijn gered !"
Hij stort, hij valt, hij ledebraakt
En stuiptrekt in den dood ,
En 't bloed , waarnaar de woede blaakt,
Beschaamt en kleurt ze rood.
Het krijgsvuur dooft, de brand gaat uit,
En 't schriktooneel wijkt af.
Maar de eerkroon, niet aan 't zwaard ten buit,
Omtuilt het heldengraf.
Wie Curtius van Rome noem',
Geev' Schaffelaar den lof.
Wiens meerder deugd, met minder roem,
Den Romer overtrof.
ii. tollens , czr
DE AALMOES.
»Ach Moeder , had Ik nu maar geld ! " —
» Mijn kind , wat woudt gy dan? -
»Ja, 'k heb nog eene gtuiden duit!
»Die werp ik gaauw het venster uit,
» Daar gaat een arme man ! " —