Boekgegevens
Titel: Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Auteur: Ouwersloot, D.; Lastdrager, Abraham Johannes
Uitgave: Amsterdam: J. Immerzeel Jr, 1834
2e dr; 1e uitg.: 1826-1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1061 H 12
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200027
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemen van Nederlandsche dichtkunst: voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE KERMIS n R G O D K N',
Saturnus had een vreemd bedrijf:
Hij liep in alle huizen,
En voiig en sloeg er raauw te lijf
De rotten en de muizen.
» Waar komt die rare vent van daan?"
Dus' spreekt een boer zijn' buurman aan ;
Die antwoordt aan den vrager:
>» Het is pon nienwerwetsche kat,
» Kn bij de Heeren, in de stad,
y> Noemt men hem kamerjager. "
Apollo had een groote schuur
Gehuurd van een' der boeren.
Waarin h'j te^en 't avonduur.
Een kluchtspel op zou voeren.
IMaar 's middag-s ^ing hij , met een deel
Der Dames van zijn j^^root tooneel ,
Naar 't bnerenregthuls stappen ,
Daar gaf hij elk toen vrij entré,
En zonj:^ er met zijn nichtjes meé
Den lof der kermisgrappen.
De Olijmpiasche maagdenstoet
Werd met geheele hoopen
Gestaag aan Venus kraam ontmoet,
En stond er drok te koopen ,
Wijl men , voor een' civielen prijs.
De nieuwste modes uit Parijs
Kon in haar' winkel krijgen.
Ook*^kocht er menig jong gezel
Corsetten van een niéuw model,
Om 't lijf zich dun te rijgen.
Dat zij de meeste klanten kreeg,
Is geenszins vreemd te vinden:
Haar kraam was dus het eerste Ic^g
Van al de kermisvrinden.
Toen huurde zij een bovenhuis.
Hield zich tot 's avonds laat niet t'huis.
En liet toen gasten nooden,
En, naar Juuijns veranderd plan.
Gaf zij tot slot een 1 hé dan&ant
Aan al de Hemelgoden,